Arabische oorsprong
Het kleine dorp Almudaina in de provincie Alicante draagt een geschiedenis met zich mee die veel verder reikt dan zijn bescheiden omvang doet vermoeden. De naam komt uit het Arabisch en wordt in archeologische publicaties weergegeven als al-Mudayna of al-Mudaygina, met de betekenis van een kleine stad, citadel of versterkte plaats. Daarmee is meteen een belangrijk kenmerk uit het verleden benoemd: Almudaina was geen willekeurige verzameling huizen, maar een kleine nederzetting met een verdedigende functie in het bergachtige binnenland van El Comtat. De ligging op ongeveer 587 meter hoogte gaf uitzicht over routes, akkers en valleien die belangrijk waren voor landbouw, verkeer en veiligheid.
De precieze oorsprong van de naam is door verschillende historici in de loop der tijd enigszins anders uitgelegd. De gemeente verwijst onder meer naar de Valenciaanse taalkundige Manuel Sanchis Guarner, die het toponiem met een versterkte plaats in verband bracht. Andere oude verklaringen leidden de naam af van het Arabische woord voor stad. Moderne archeologische publicaties van MARQ gebruiken vooral de betekenis ‘de citadel’ en verbinden de naam rechtstreeks met het versterkte islamitische complex waar de huidige Torre de Almudaina deel van uitmaakte.
Over de vroegste bewoning is minder met zekerheid bekend dan over de middeleeuwse periode. De gemeentelijke geschiedschrijving wijst op mogelijke bewoning door Iberische Contestani en later Romeinen in deze streek. Dat past bij de lange bewoningsgeschiedenis van het bredere gebied rond El Comtat, maar voor Almudaina zelf is vooral de middeleeuwse islamitische fase goed gedocumenteerd. Een oudere theorie dat de huidige toren oorspronkelijk Romeins zou zijn, wordt door modern archeologisch onderzoek niet ondersteund. Opgravingen en bouwhistorisch onderzoek plaatsen de bestaande toren duidelijk in de islamitische, meer bepaald Almohadische periode rond het einde van de twaalfde en het begin van de dertiende eeuw.
Juist die correctie is belangrijk voor het verhaal van Almudaina. Wie vandaag door het dorp wandelt, kijkt niet naar een Romeinse toren die later door moslims zou zijn verbouwd, maar naar een van oorsprong islamitisch verdedigingswerk dat vlak voor de christelijke verovering werd opgericht. De toren, de naam van het dorp, de ligging en de oude nederzettingsstructuur wijzen allemaal naar die middeleeuwse laag. Voor wie wonen in Alicante, emigreren naar Spanje of verhuizen naar Alicante overweegt en het binnenland beter wil begrijpen, is Almudaina daardoor een bijzonder helder voorbeeld van de lange geschiedenis die achter de rustige dorpen van El Comtat schuilgaat.
De islamitische nederzetting
In de islamitische middeleeuwen maakte Almudaina deel uit van een netwerk van kleine dorpen, boerderijen en versterkte plekken in het huidige binnenland van Alicante. De nederzetting was een kleine alquería: een landelijke woonkern waar families leefden van landbouw, veeteelt, waterbeheer en lokale uitwisseling. Voor Nederlandse en Belgische lezers is het goed om te weten dat een alquería geen stad was, maar een kleine gemeenschap waarin huizen, akkers, waterpunten en verdedigingsmiddelen nauw met elkaar verbonden waren.
Bij Almudaina lag rond deze alquería bovendien een versterkte omheining die in historische en archeologische publicaties als een cortig wordt aangeduid. Dat was een ommuurd of versterkt gedeelte dat bescherming kon bieden aan mensen, voedselvoorraden en mogelijk dieren. De toren vormde een belangrijk onderdeel van dit verdedigingssysteem. Daarmee was het landschap rondom Almudaina niet alleen een landbouwgebied, maar tevens een georganiseerd territorium waarin bewoning en verdediging nauw met elkaar waren verweven.
De mensen die hier woonden, gebruikten het landschap intensief. Terrassen maakten de hellingen bruikbaar voor landbouw. Olijven, graan en andere mediterrane gewassen speelden daarbij een rol, terwijl water zorgvuldig moest worden opgevangen, geleid en verdeeld. Droge stenen muren, kleine paden en landbouwpercelen vormden samen een praktisch landschap dat niet alleen mooi was, maar vooral noodzakelijk om te overleven.
Almudaina stond daarbij niet op zichzelf. De nederzetting maakte deel uit van de bredere wereld rond de Vall de Planes en de omliggende valleien. Het nabijgelegen kasteel van Planes speelde later een belangrijke territoriale rol en de toren van Almudaina bleef ook na de christelijke verovering langdurig met dat kasteel en de Baronie van Planes verbonden. In de middeleeuwen waren de huidige gemeentegrenzen nog niet de manier waarop bewoners naar hun omgeving keken. Valleien, water, landbouwgronden, versterkingen en routes bepaalden veel sterker hoe gemeenschappen met elkaar verbonden waren.
Juist deze islamitische oorsprong verklaart waarom Almudaina vandaag zo’n herkenbaar erfgoed bezit. De toren is niet alleen een los monument, maar het zichtbare restant van een bredere manier van wonen en organiseren. Wie wonen in Alicante of emigreren naar Spanje vooral kent via de kust, ziet in Almudaina een heel andere laag van de provincie: het Alicante van bergdorpen, oude routes, verdedigingstorens en landbouwgemeenschappen.
De Torre de Almudaina
De Torre de Almudaina is het belangrijkste historische monument van het dorp. Archeologisch onderzoek heeft de toren overtuigend in de islamitische middeleeuwen geplaatst. MARQ dateert het bouwwerk in de Almohadische periode, grofweg tussen de laatste decennia van de twaalfde eeuw en de eerste helft van de dertiende eeuw. In meer gedetailleerd bouwhistorisch onderzoek wordt het eerste derde deel van de dertiende eeuw als waarschijnlijke bouwperiode genoemd.
Dat betekent dat de toren werd gebouwd in een tijd waarin de christelijke expansie richting het zuiden steeds dichterbij kwam. Almudaina bevond zich daarmee letterlijk in een veranderend grensgebied. De toren was een van meerdere verdedigingstorens die in het oosten van Al-Andalus bij kleine landelijke nederzettingen werden gebouwd kort voordat het gebied onder christelijk bestuur kwam.
De toren heeft een vrijwel vierkante plattegrond van ongeveer 6,30 meter per zijde. Archeologisch en bouwhistorisch onderzoek geeft voor de bewaarde constructie een hoogte van ongeveer 13,5 meter. De oorspronkelijke toren kan inclusief het verdwenen bovenste gedeelte ongeveer 15,3 meter hoog zijn geweest. Oudere lokale publicaties noemen soms een hoogte van 22 meter, maar de gedetailleerde moderne analyse van het bouwwerk komt op aanzienlijk kleinere afmetingen uit.
De muren zijn grotendeels gebouwd met tapial, een traditionele bouwtechniek waarbij aarde, kalk en andere materialen tussen houten bekistingen worden aangestampt. Voor Nederlandse en Belgische lezers kan dit verrassend zijn: een bouwwerk dat er massief en bijna als steen uitziet, kan voor een belangrijk deel zijn opgebouwd uit zorgvuldig samengestelde en aangestampte aarde. Juist in de islamitische architectuur van deze streek was deze techniek zeer gebruikelijk.
De toren was geen losstaand bouwwerk zonder context. Hij hoorde bij een kleine versterkte woonkern en diende in de eerste plaats ter bescherming van de nederzetting. De hoge ligging maakte daarnaast controle over de omgeving mogelijk. Vanuit Almudaina kon men een groot deel van de Vall de Planes en omliggende routes overzien. De zichtrelatie met andere versterkte punten in het binnenland gaf de toren strategische betekenis.
Vandaag is de toren het herkenningspunt van Almudaina. Hij herinnert aan de islamitische oorsprong van het dorp en laat bezoekers zien dat ook zeer kleine plaatsen in Alicante een rijk verleden hebben. De toren is tegenwoordig erkend als Bien de Interés Cultural, de hoogste Spaanse categorie voor beschermd cultureel erfgoed. Voor Nederlanders en Belgen is dat vergelijkbaar met een zwaar beschermde monumentenstatus.
Geen Romeinse toren
In oudere lokale geschiedschrijving wordt een theorie genoemd dat de Torre de Almudaina van Romeinse oorsprong zou zijn en later door de Arabieren werd herbouwd. Die gedachte werd onder meer toegeschreven aan een vroegere historicus, maar daarbij werd al opgemerkt dat niet duidelijk was op welk bewijs de theorie was gebaseerd.
Modern archeologisch onderzoek heeft dat beeld sterk veranderd. De opgravingen en bouwhistorische onderzoeken die voorafgingen aan de restauratie tonen een duidelijk islamitische chronologie. MARQ plaatst de bouw van de bestaande toren in de Almohadische periode. Daarmee behoort de toren tot dezelfde bredere groep van versterkte landelijke torens die in het oosten van Al-Andalus aan de vooravond van de christelijke verovering werden gebouwd.
Dat sluit oudere bewoning in de omgeving van Almudaina niet uit. Het binnenland van Alicante kent archeologische sporen uit talrijke perioden, van de prehistorie tot de Romeinse tijd. Het betekent alleen dat de toren die vandaag boven Almudaina uitsteekt niet als een Romeinse constructie moet worden beschreven. Voor het historische verhaal van het dorp is dat een belangrijk onderscheid.
Christelijke verovering
Rond 1244 en 1245 veranderden de machtsverhoudingen in deze streek ingrijpend. Tijdens de uitbreiding van de Kroon van Aragón onder koning Jaume I kwam het gebied rond Cocentaina en Planes onder christelijke invloed. MARQ verbindt de overgang van het gebied naar de Kroon van Aragón onder meer met het Pact van Alcalá uit 1245.
Opvallend is dat na deze machtswisseling niet onmiddellijk iedere moslim uit de streek verdween. Als eerste beheerder van de toren wordt in historische studies een zekere Almudino genoemd, een moslim die zich tot het christendom had bekeerd. Hij werd eveneens verbonden met het kasteel van Planes. Daarmee bleef de Torre de Almudaina vanaf het begin van de christelijke periode nauw gekoppeld aan de machtsstructuur rond Planes.
Voor de bewoners betekende de christelijke verovering niet dat het dagelijks leven van de ene op de andere dag volledig veranderde. Veel moslimbewoners bleven aanvankelijk in de streek wonen als mudéjares: moslims die onder christelijk bestuur leefden. Zij bleven belangrijk voor de landbouw, omdat zij de terrassen, waterlopen, gewassen en lokale omstandigheden goed kenden. Tegelijk veranderden de regels. Eigendom, belastingen en bestuur kwamen onder nieuwe machthebbers te staan.
In dorpen als Almudaina ontstond daardoor een gelaagde werkelijkheid. Oude landbouwtechnieken, plaatsnamen en nederzettingspatronen bleven bestaan, terwijl christelijke heren en instellingen steeds meer invloed kregen. Almudaina is daardoor niet eenvoudig in één historische periode onder te brengen. Het huidige dorp is het resultaat van lagen die eeuwenlang over elkaar heen zijn gelegd.
Jaume I en Almudaina
Een belangrijk vroeg christelijk document dateert uit 1272. In het laatste testament van koning Jaume I wordt Almudaina genoemd en wordt de plaats nagelaten aan zijn zoon Jaume de Jérica, ook bekend als Jaime de Xérica. Daarmee verschijnt Almudaina duidelijk in de schriftelijke bronnen van de christelijke periode.
De lokale geschiedenis verbindt Planes en Almudaina daarnaast met Teresa Gil de Vidaura, de partner van Jaume I en moeder van Jaume de Jérica. De familieverhoudingen aan het koninklijke hof waren complex, maar voor Almudaina is vooral belangrijk dat grond, kastelen, torens, handelsrechten en juridische bevoegdheden onderdeel werden van grotere feodale bezitsconstructies.
Het dorp zelf bleef ondertussen een kleine agrarische gemeenschap. Voor bewoners zal de naam van de formele eigenaar minder bepalend zijn geweest voor het dagelijks leven dan de vraag hoeveel belasting of pacht moest worden betaald, wie recht had op landbouwgrond en water en wie rechtspraak mocht uitoefenen. Toch zijn juist deze documenten voor historici waardevol, omdat ze laten zien hoe zelfs een kleine nederzetting als Almudaina verbonden was met de politieke wereld van de Kroon van Aragón.
De bevolkingsbrief van 1278
Een volgende belangrijke stap kwam in 1278. Volgens de archeologische en historische documentatie van MARQ kwam de toren na de tweede Mudéjar-opstand in handen van het huis Llúria, onder leiding van de beroemde admiraal Roger de Llúria, heer van Alcoy en Cocentaina.
Via het huwelijk van zijn dochter Beatriz werd het bezit opnieuw verbonden met Jaume de Xérica. In deze periode werd een carta puebla verleend aan een grote groep bewoners. Een carta puebla was een bevolkings- of vestigingsbrief waarin werd vastgelegd onder welke voorwaarden mensen zich in een bepaald gebied mochten vestigen, land mochten gebruiken en verplichtingen tegenover de heer hadden.
De documentatie noemt een groep van ongeveer 130 kolonisten, vertegenwoordigd door Arnaldo de Sernolia en Ramón de Pujasons. Dit is een belangrijk detail in de geschiedenis van Almudaina, omdat het laat zien dat de christelijke machtswisseling niet alleen over kastelen en adellijke families ging. De inrichting van het gebied vereiste daadwerkelijk mensen die akkers bewerkten, belastingen betaalden en de nederzettingen economisch in stand hielden.
Zo kreeg Almudaina na de verovering een plaats binnen een nieuw feodaal systeem, terwijl veel onderdelen van het bestaande landbouwlandschap intact bleven. Dat samenspel tussen politieke verandering en praktische continuïteit is een van de belangrijkste lijnen door de geschiedenis van het dorp.
Grond, heren en verplichtingen
Na de christelijke verovering werd Almudaina onderdeel van een feodaal landschap waarin dorpen, land en rechten werden toegewezen, verkocht en doorgegeven aan heren en families. De bewoners moesten pacht, belastingen of diensten leveren en leefden binnen een systeem waarin lokale autonomie beperkt was. Voor een klein bergdorp betekende dit dat het dagelijkse leven sterk verbonden bleef met de grond. Akkerbouw, olijven, graan, dieren en waterbeheer bleven de basis, maar de opbrengsten en rechten werden nu binnen andere juridische structuren georganiseerd.
In 1389 werden het kasteel van Planes en de Torre de Almudaina samen met andere bezittingen door koning Juan I van Aragón en zijn echtgenote Violante de Bar verkocht aan Juan Gascón uit Valencia. Volgens de gemeentelijke historische documentatie bedroeg de overeengekomen prijs 198.900 Barcelonese sueldos, overeenkomend met 9.945 pond volgens de toenmalige rekeneenheden.
Deze verkoop onderstreept opnieuw hoe nauw Almudaina met Planes verbonden bleef. De toren was niet simpelweg het eigendom van de inwoners van het dorp, maar maakte deel uit van een groter geheel van heerlijke rechten en bezittingen. Eigendomswisselingen op hoog politiek niveau konden daardoor rechtstreeks van invloed zijn op de mensen die beneden rond de toren hun akkers bewerkten.
Voor de gewone bewoners was geschiedenis vooral praktisch. Men moest zaaien, oogsten, water verdelen, belastingen betalen, kinderen opvoeden en het dorp draaiende houden. De grote politieke veranderingen kwamen van buitenaf, maar werden voelbaar in het dagelijkse leven. Almudaina bleef klein, maar nooit los van de grotere ontwikkelingen in Valencia, Alicante en de Kroon van Aragón.
Van verdediging naar woning
De functie van de Torre de Almudaina veranderde door de eeuwen heen. Een verdedigingstoren die rond het begin van de dertiende eeuw noodzakelijk was geweest, verloor geleidelijk een deel van die oorspronkelijke militaire betekenis. In 1408 werd toestemming gegeven om de toren als woning te gebruiken.
Die verandering had ook gevolgen voor het gebouw zelf. Onderzoek naar de toren wijst erop dat de oorspronkelijke bovenzijde waarschijnlijk voorzien was van een verdedigende borstwering en mogelijk kantelen. Toen de toren als woning werd aangepast, werd deze bovenbouw veranderd en kwam er een hellend dak. Ook de interne indeling van het gebouw werd in latere eeuwen aangepast.
Daardoor vertelt de toren vandaag niet alleen iets over oorlog en verdediging. Hij laat tevens zien hoe een gebouw eeuwenlang nieuwe functies kan krijgen. Wat eerst een militair hulpmiddel was, werd woning, opslagruimte en later zelfs ruimte voor landbouwgerelateerd gebruik. Iedere nieuwe fase liet sporen achter in muren, vloeren, deuren en balken.
De toren als graanschuur
Een bijzonder goed gedocumenteerde latere functie van de toren was die van graanschuur voor de Baronie van Planes. Documenten uit 1572 en 1587 noemen expliciet het opslaan van graan in Almudaina. In oude administratie wordt gesproken over de graner d'Almudayna en de toren waarin de graanvoorraden van de heerlijkheid werden bewaard.
Deze functie laat opnieuw zien hoe praktisch middeleeuws en vroegmodern erfgoed vaak werd gebruikt. De toren werd niet als historisch monument bewaard omdat mensen hem mooi of bijzonder vonden. Hij bleef bestaan doordat hij bruikbaar was. De dikke muren en stevige constructie maakten het gebouw geschikt voor opslag.
Voor de inwoners was graan een fundamenteel onderdeel van het dagelijks bestaan. Een veilige opslagplaats had daardoor directe economische waarde. De geschiedenis van de toren loopt hier letterlijk samen met de geschiedenis van voedselvoorziening, landbouw en de feodale economie van El Comtat.
Parochie en Moriscos
De zestiende en zeventiende eeuw waren bepalend voor de geschiedenis van Almudaina. Het dorp maakte kerkelijk lange tijd deel uit van een grotere structuur. In 1534 werd Almudaina opgenomen bij de rectorie van Catamarruc, tegenwoordig een kleine kern binnen de gemeente Planes.
In 1574 kreeg Almudaina samen met Benialfaquí de status van zelfstandige parochie. Historische gegevens noemen voor die periode ongeveer 140 Moriscos. Moriscos waren moslims of nakomelingen van moslims die officieel tot het christendom waren bekeerd. In de praktijk behielden veel gemeenschappen nog eigen gebruiken, familierelaties en culturele tradities, waardoor zij door de christelijke overheid en kerk met wantrouwen werden bekeken.
Deze parochiale verandering laat zien dat Almudaina ondanks zijn geringe omvang een herkenbare lokale gemeenschap vormde. Kerkelijke zelfstandigheid betekende een eigen religieuze organisatie en een duidelijkere plaats binnen het netwerk van dorpen in de omgeving. De ontwikkeling werd echter kort daarna ingrijpend onderbroken.
De Moriscos en 1609
In 1609 gaf koning Filips III opdracht tot de verdrijving van de Moriscos uit Spanje. Voor grote delen van het huidige Valenciaanse grondgebied had dit enorme gevolgen. In veel bergdorpen vormden Morisco-families een belangrijk of zelfs overheersend deel van de bevolking. Hun vertrek betekende daardoor niet alleen een religieuze of politieke verandering, maar ook een demografische en economische ramp.
Volgens het Spaanse landelijke archiefregister telde Almudaina vlak vóór de uitwijzing 63 Morisco-families. Dat is voor een kleine nederzetting een aanzienlijk aantal. Hun gedwongen vertrek leidde tot ontvolking. Huizen kwamen leeg te staan, akkers werden minder intensief onderhouden en lokale netwerken van familie, arbeid en kennis verdwenen vrijwel van het ene moment op het andere.
De verdrijving betekende daarmee een enorme klap voor Almudaina. Waar eerst eeuwenlang continuïteit had bestaan tussen islamitische landbouwtradities, de Mudéjar-periode en de Morisco-gemeenschap, ontstond nu een scherpe breuk. Nieuwe bewoners moesten worden aangetrokken om het land opnieuw te bewerken en de nederzetting leefbaar te houden.
Deze gebeurtenis behoort tot de belangrijkste momenten in de geschiedenis van Almudaina. De stille straten en landbouwterrassen van vandaag zijn moeilijk te begrijpen zonder te beseffen dat het dorp in 1609 een groot deel van zijn gemeenschap in één ingrijpende politieke maatregel verloor.
Wat gebeurde er in 1619?
Het jaar 1619 wordt regelmatig genoemd in beschrijvingen van Almudaina, maar verdient enige uitleg. In oudere en secundaire publicaties wordt soms gesteld dat Almudaina in dat jaar gemeentelijke zelfstandigheid verkreeg. De landelijke Spaanse archiefbeschrijving formuleert het nauwkeuriger: de zelfstandigheid van de parochie, die al in 1574 was ingesteld, werd in 1619 daadwerkelijk effectief.
Dat gebeurde tien jaar nadat Almudaina door de verdrijving van de Moriscos grotendeels was ontvolkt. Het dorp bevond zich daarmee in een periode waarin religieuze organisatie, bevolkingsopbouw en lokaal bestuur opnieuw vorm moesten krijgen.
Omdat verschillende bronnen de bestuurlijke en kerkelijke ontwikkelingen niet altijd op dezelfde manier omschrijven, is het voor de geschiedenis van Almudaina beter om 1619 niet zonder nadere uitleg simpelweg als het jaar van ‘gemeentelijke onafhankelijkheid’ te presenteren. Wat wel duidelijk is, is dat het jaar een belangrijke stap markeerde in de reorganisatie van de gemeenschap na de enorme breuk van 1609.
Herbevolking en herstel
Na de verdrijving van de Moriscos begon voor Almudaina een periode van moeizaam herstel. Nieuwe families moesten de verlaten huizen betrekken, de akkers opnieuw bewerken en sociale structuren herstellen. Zulke herbevolking verliep in veel dorpen langzaam. Het land was er, de toren stond er, de straten lagen er, maar een dorp leeft pas wanneer gezinnen, arbeid, feesten en dagelijkse gewoonten terugkeren.
Nieuwe bewoners namen een landschap over dat door generaties islamitische en Morisco-landbouwers was gevormd. De landbouwterrassen, veldwegen en waterstructuren verdwenen niet omdat de bevolking veranderde. Daardoor bleef de fysieke erfenis van de voorgaande eeuwen aanwezig, zelfs terwijl familienamen, religieuze identiteit en bestuurlijke verhoudingen veranderden.
In de eeuwen die volgden groeide Almudaina opnieuw uit tot een kleine landbouwgemeenschap. De toren bleef als herkenningspunt aanwezig, maar het dagelijkse leven draaide om grond, dieren, oogst, geloof en wederzijdse hulp. Het dorp bleef klein, maar kreeg opnieuw een functionerende gemeenschap.
Almudaina in El Comtat
Hoewel Almudaina altijd klein is gebleven, speelde het dorp een rol binnen de bredere gemeenschap van El Comtat. Samen met omliggende dorpen zoals Planes, Millena, Gorga, Benillup, Benimarfull, Balones en andere kleine plaatsen vormde het een netwerk van gemeenschappen die door landschap, familiebanden, handel en religieuze activiteiten met elkaar verbonden waren. Inwoners brachten producten naar lokale markten, deelden wegen en paden en waren voor bepaalde voorzieningen afhankelijk van grotere plaatsen in de streek.
Historisch was vooral de relatie met Planes belangrijk. De Torre de Almudaina bleef eeuwenlang verbonden met het kasteel en de Baronie van Planes. Daardoor vertelt de geschiedenis van Almudaina niet alleen het verhaal van één gemeentekern, maar ook van de bredere Vall de Planes en de manier waarop kleine nederzettingen binnen een groter heerlijk territorium functioneerden.
De toren gaf Almudaina tegelijkertijd een herkenbare eigen identiteit. Veel kleine dorpen hebben een kerk, een plein of een bron als historisch symbool, maar Almudaina bezit daarnaast een indrukwekkend islamitisch verdedigingswerk. Dat maakt het dorp belangrijk binnen het erfgoed van El Comtat.
Voor bezoekers die de provincie Alicante willen leren kennen buiten de kust, is Almudaina daardoor een waardevolle stop. Het dorp laat zien hoe diep de geschiedenis van het binnenland reikt. Wie alleen aan stranden en appartementen denkt, mist deze laag van Alicante volledig.
Negentiende eeuw en modernisering
De negentiende eeuw bracht nieuwe kansen, maar ook nieuwe uitdagingen. De industrialisatie was vooral zichtbaar rond Alcoy, dat uitgroeide tot een van de belangrijkste industriële centra van het Valenciaanse binnenland, met textiel, papierproductie en later andere vormen van nijverheid. Almudaina bleef grotendeels agrarisch, maar stond niet volledig buiten deze ontwikkeling. Verbeterde wegen, handelscontacten en de groei van nabijgelegen steden maakten het eenvoudiger om producten te verkopen of werk buiten het dorp te zoeken.
Toch veranderde Almudaina langzamer dan de steden. Het dorpsleven bleef verbonden met landbouw, kerk, feesten en lokale afspraken. De negentiende eeuw was in kleine bergdorpen vaak een tijd waarin traditie en verandering naast elkaar bestonden. Er kwamen meer administratieve regels, betere verbindingen en nieuwe economische mogelijkheden, maar het dagelijkse ritme bleef herkenbaar: akkers, dieren, familie, religie en seizoenen.
De kerk van Almudaina speelde in deze periode een centrale rol in het dorpsleven. Religieuze vieringen, processies, doop, huwelijk en rouw markeerden het jaar. Ook het plein en de directe omgeving van de kerk bleven belangrijke plekken voor ontmoeting en sociale samenhang. In een klein dorp waren zulke plaatsen onmisbaar. Zij hielden de gemeenschap bij elkaar in tijden van economische onzekerheid en verandering.
De toren kreeg door de eeuwen heen eveneens verschillende praktische functies. Na zijn militaire rol en gebruik als graanopslag werd het gebouw onder meer als woning gebruikt. Latere aanpassingen veranderden de oorspronkelijke interne verdeling. Daardoor werd de toren steeds meer onderdeel van het gewone dorpsweefsel in plaats van een los militair bouwwerk.
Twintigste eeuw en leegloop
De twintigste eeuw was een tijd van grote veranderingen in heel Spanje, en Almudaina bleef daar niet van gevrijwaard. De Spaanse Burgeroorlog van 1936 tot 1939, de moeilijke naoorlogse jaren en de latere economische modernisering veranderden het leven in het binnenland. Vooral vanaf het midden van de twintigste eeuw trok een deel van de plattelandsbevolking weg naar steden, industriegebieden of de kust.
In dorpen als Almudaina was dat goed voelbaar. Jongeren zochten werk in Alcoy, Valencia, Alicante, Barcelona of verder weg. De landbouw bood steeds minder gezinnen voldoende perspectief en onderwijs, gezondheidszorg en werk werden in grotere plaatsen geconcentreerd. Daardoor nam het inwonertal gedurende lange perioden af.
Huizen stonden soms leeg of werden alleen tijdens vakanties gebruikt. Toch hield men vast aan tradities. Jaarlijkse feesten, processies, dorpsbijeenkomsten en familiebanden bleven belangrijk. In de zomermaanden keerden oud-inwoners en familieleden terug, waardoor het dorp tijdelijk weer voller en levendiger werd.
Deze periode van ontvolking heeft het karakter van Almudaina sterk bepaald. Het dorp werd stiller, maar verloor zijn identiteit niet. De toren, de kerk, de straatjes en de feesten bleven ankerpunten. Veel inwoners en nakomelingen bleven zich verbonden voelen met de plaats, ook wanneer zij elders woonden. Dat gevoel van vertrek en terugkeer is herkenbaar in veel kleine dorpen in het binnenland van Alicante.
Van woning naar monument
De Torre de Almudaina bleef lang in particuliere handen. Het laatste gebruik voordat de overheid het monument verwierf, was onder meer als woning en voor verschillende praktische doeleinden. De vele aanpassingen hadden ervoor gezorgd dat het oorspronkelijke middeleeuwse karakter niet overal meer duidelijk zichtbaar was.
In 1999 kocht de Diputación Provincial de Alicante de toren en een aangrenzend pand. Daarmee begon een nieuwe fase in de geschiedenis van het gebouw. Waar eerdere generaties de toren vooral hadden gebruikt omdat hij praktisch bruikbaar was, werd nu de archeologische en culturele waarde centraal gesteld.
Vanaf 2006 werd gewerkt aan een project voor restauratie en herwaardering. Tussen 2007 en 2009 vonden archeologische werkzaamheden plaats die veel nieuwe kennis opleverden over de ouderdom, bouwtechniek en oorspronkelijke vorm van de toren.
Deze onderzoeken waren bijzonder belangrijk omdat zij verschillende oudere theorieën konden toetsen. Zo werd de Romeinse oorsprong die in oudere geschiedschrijving soms werd genoemd niet bevestigd. De archeologie wees juist duidelijk naar een islamitische bouwfase in de Almohadische periode.
Restauratie van de toren
Bij de restauratie werd geprobeerd de oorspronkelijke bouwlogica zoveel mogelijk weer leesbaar te maken. Het oorspronkelijke toegangspunt lag ongeveer vier meter boven het maaiveld, zoals bij verdedigingstorens vaker voorkwam. Een later op grondniveau gemaakte toegang werd aangepast, terwijl de middeleeuwse toegang opnieuw als hoofdentree herkenbaar werd gemaakt.
Ook de interne vloeren werden opnieuw geplaatst op hoogten die uit het bouwhistorisch onderzoek naar voren kwamen. Daardoor kreeg de toren weer vier niveaus die beter aansluiten bij de oorspronkelijke constructie. Voor de reconstructie kon gebruik worden gemaakt van afdrukken en restanten van verdwenen houten bouwelementen.
Onderzoek naar verkoolde resten maakte zelfs duidelijk welke houtsoorten in het verleden waren gebruikt. Olijfhout, wilg en iep behoorden tot de aangetroffen materialen. Zulke details maken de restauratie van de Torre de Almudaina bijzonder: niet alleen het grote verhaal van koningen en veroveringen wordt zichtbaar, maar ook de praktische keuzes van bouwers die ongeveer acht eeuwen geleden met lokale materialen werkten.
De restauratie bracht daarnaast de platte oorspronkelijke bovenzijde terug. De middeleeuwse toren zal daarboven waarschijnlijk een verdedigende borstwering hebben gehad, mogelijk met kantelen. Volledige zekerheid over ieder detail bestaat niet, maar de huidige presentatie is gebaseerd op het archeologische en bouwhistorische onderzoek.
Opening als erfgoedlocatie
Na de restauratie werd de Torre de Almudaina in augustus 2009 voor het publiek geopend. Het gebouw werd opgenomen in het netwerk van archeologische locaties en culturele voorzieningen dat door MARQ en de Diputación de Alicante wordt beheerd.
De toren veranderde daarmee opnieuw van functie. Na verdedigingstoren, woning, opslagplaats en agrarisch gebruik werd hij een plaats waar bezoekers juist leren over al die eerdere functies. De huidige museale inrichting vertelt zowel over de architectuur van de toren als over de geschiedenis van Almudaina en de omgeving.
De status als Bien de Interés Cultural garandeert bovendien een hoog beschermingsniveau. Voor een gemeente van iets meer dan honderd inwoners is dat cultureel van grote betekenis. Het dorp bezit daarmee niet zomaar een oud gebouw, maar een officieel erkend monument dat helpt om de islamitische geschiedenis van het binnenland van Alicante begrijpelijk te maken.
Wie een bezoek wil combineren met meer achtergrond over het dorp kan ook de pagina over bezienswaardigheden in Almudaina bekijken.
Gabriel Miró en Almudaina
De toren heeft niet alleen archeologische betekenis. Ook in de Spaanse literatuur duikt Almudaina op. De bekende Alicante schrijver Gabriel Miró beschreef de omgeving in zijn roman Las cerezas del cementerio, die in 1910 verscheen.
In het literaire landschap van Miró komt de kleine plaats in een andere gedaante naar voren dan in archeologische rapporten. Waar onderzoekers muren, houtconstructies en bouwlagen analyseren, gebruikt een schrijver het landschap juist voor sfeer, herinnering en emotie. Daarmee kreeg Almudaina ook buiten de directe regio een kleine plaats binnen de culturele geschiedenis van Alicante.
De Diputación de Alicante verwijst vandaag nog altijd naar deze literaire band wanneer het dorp wordt gepresenteerd. Het is een mooi voorbeeld van hoe een plaats met nauwelijks meer dan honderd inwoners verschillende soorten erfgoed kan bezitten: architectuur, archeologie, landschap én literatuur.
Een levend verleden
Vandaag de dag is Almudaina een klein, maar levendig voorbeeld van hoe geschiedenis bewaard blijft in de provincie Alicante. Volgens de nieuwste bevolkingsgegevens telde de gemeente in 2025 128 inwoners. Dat is weinig, maar het dorp is geen openluchtmuseum. Er wordt gewoond, gewerkt, feestgevierd en dagelijks geleefd tussen dezelfde berghellingen waar eeuwen geleden de islamitische nederzetting ontstond.
De herinnering aan het verleden is zichtbaar in de smalle straten, de eeuwenoude toren en de kerk die het dorpsbeeld mede bepaalt. Evenementen die geworteld zijn in lokale tradities geven het dorp kleur en betekenis. Jaarlijkse feesten zorgen ervoor dat familieleden en mensen met wortels in Almudaina terugkeren en dat de gemeenschap tijdelijk veel groter aanvoelt dan het officiële inwonertal.
Voor wie geïnteresseerd is in de geschiedenis van Alicante en de kleine dorpen van El Comtat, biedt Almudaina een rijk palet aan verhalen dat verder gaat dan stenen en straten alleen. Het dorp laat zien hoe islamitische nederzettingen, de christelijke verovering, Mudéjar- en Morisco-geschiedenis, landbouw, bevolkingsverlies en moderne erfgoedzorg samen één verhaal vormen.
Dat maakt Almudaina waardevol voor toeristen, maar ook voor mensen die wonen in Spanje, emigreren naar Alicante of verhuizen naar Alicante overwegen en het binnenland beter willen begrijpen. Wie de achtergrond kent, kijkt anders naar een stille straat of oud landbouwterras. Wat op het eerste gezicht eenvoudig lijkt, blijkt vaak het resultaat van eeuwen geschiedenis.
Betekenis voor bewoners
Voor huidige bewoners is de geschiedenis van Almudaina geen museumstuk. Zij leeft mee in het dagelijkse ritme. De toren is een herkenningspunt, de feesten brengen families terug, de straten herinneren aan generaties die er eerder woonden en de landbouwterrassen tonen hoe intensief het landschap ooit werd gebruikt. Wie in Almudaina woont, woont dus niet alleen in een klein dorp, maar ook in een historische omgeving waarin de schaal van vroeger nog goed voelbaar is.
Voor nieuwkomers uit Nederland of België kan dat aantrekkelijk zijn. Almudaina biedt geen groot voorzieningenpakket, geen grote internationale gemeenschap en geen druk kustleven. Het biedt wel een dorpsgeschiedenis die zichtbaar en begrijpelijk is. Wie zich hier vestigt, wordt onderdeel van een plaats waar het verleden dichtbij blijft. Dat vraagt respect voor lokale gewoonten, Spaans, het in deze streek aanwezige Valenciaans en de bestaande gemeenschap. In ruil daarvoor biedt het dorp een bijzondere combinatie van rust, erfgoed en verbondenheid.
Voor mensen die nadenken over emigreren naar Spanje met gezin of emigreren naar Spanje als zzp'er vertelt de geschiedenis daarnaast iets over de aard van de plaats. Almudaina is al eeuwen gewend aan een bestaan waarin de eigen dorpskern klein is en contacten met omliggende plaatsen noodzakelijk zijn. Ook nu liggen werk, scholen en veel voorzieningen buiten het dorp. Die regionale verbondenheid is dus geen moderne uitzondering, maar past in een veel langere geschiedenis.
Wie permanent wonen in Almudaina overweegt, kan daarom naast de historische achtergrond ook de uitgebreide pagina over wonen in Almudaina lezen. Voor het landschap dat de ontwikkeling van het dorp bepaalde is natuur rond Almudaina een logische aanvulling.
Almudaina binnen MijnAlicante
Almudaina past goed binnen het bredere verhaal van de kleine dorpen in El Comtat. Wie meer wil lezen over vergelijkbare plaatsen in de omgeving, kan ook kijken naar Benimassot in Alicante, Balones in Alicante, Benasau en La Vall d'Alcalà. Samen laten deze dorpen zien hoe rijk het binnenland van Alicante is aan kleine gemeenten, islamitische wortels, landbouwterrassen en verhalen van vertrek en terugkeer.
Ook binnen Almudaina zelf zijn geschiedenis, natuur, toerisme en wonen nauw met elkaar verbonden. De algemene pagina over Almudaina in Alicante geeft een overzicht van het dorp, terwijl toerisme in Almudaina verder ingaat op de toren en andere bezienswaardigheden.
Voor mensen die zoeken op emigreren naar Spanje, wonen in Spanje, emigreren naar Alicante of verhuizen naar Alicante, is deze geschiedenis meer dan achtergrondinformatie. Zij helpt begrijpen waarom het leven in zulke dorpen anders voelt dan aan de kust. De rust van Almudaina is geen leegte, maar het resultaat van eeuwen waarin mensen, landschap en gemeenschap elkaar hebben gevormd.
Klein dorp, grote geschiedenis
De geschiedenis van Almudaina kan bijna worden samengevat aan de hand van één gebouw. De Torre de Almudaina begon rond het begin van de dertiende eeuw als verdediging van een islamitische alquería. Na de christelijke verovering kwam het bouwwerk binnen nieuwe machtsstructuren terecht. Het werd verbonden met de Baronie van Planes, veranderde van eigenaar, diende als woning en graanschuur en overleefde de verdrijving van de Moriscos en eeuwen van verandering.
In de twintigste eeuw dreigde het gebouw uiteindelijk zijn historische betekenis te verliezen, totdat de Diputación de Alicante het in 1999 verwierf. Archeologisch onderzoek maakte vervolgens duidelijk hoe oud de toren werkelijk was en hoe hij oorspronkelijk had gefunctioneerd. Sinds 2009 staat hetzelfde gebouw open voor bezoekers die het verhaal van Almudaina willen leren kennen.
Maar de geschiedenis van Almudaina bestaat niet alleen uit de toren. Ze zit ook in de terrassen rond het dorp, in de oude routes naar Planes en andere plaatsen, in de kerkelijke organisatie, in het trauma van 1609, in de gezinnen die later terugkeerden of opnieuw begonnen, in de industrialisatie van Alcoy die jongeren aantrok en in de huidige inwoners die het dorp levend houden.
Juist daarom is Almudaina zo'n interessante plaats voor wie het binnenland van Alicante serieus wil leren kennen. Een dorp hoeft niet groot te zijn om veel geschiedenis te dragen. In Almudaina liggen islamitisch erfgoed, christelijke macht, landbouwtraditie, ontvolking, literatuur en moderne monumentenzorg op enkele tientallen meters van elkaar. Klein in omvang, maar groot in betekenis.
Dit artikel is voor het laatst bijgewerkt op 31 augustus 2026.