Geschiedenis van Torremanzanas

Historische Casa Alta in het bergdorp Torremanzanas

Toren tussen kust en binnenland

Wie door de smalle straatjes van Torremanzanas wandelt en de stenen muren, pleintjes en historische gevels in zich opneemt, voelt dat hier een verhaal wordt verteld dat veel verder teruggaat dan het huidige dorp. Dit karaktervolle bergdorp in de provincie Alicante, ook bekend als La Torre de les Maçanes, heeft zijn wortels diep verankerd in de geschiedenis van het binnenland. Van prehistorische bewoners en een islamitische nederzetting tot een versterkte middeleeuwse toren en een zelfstandige gemeente met eigen feesttradities: de geschiedenis van Torremanzanas is opvallend rijk.

De ontwikkeling van Torremanzanas hangt nauw samen met zijn ligging. Het dorp ligt op ongeveer 788 meter hoogte in het berggebied tussen de kustzone van Alicante en het binnenland richting Jijona, Penàguila, Benifallim en Alcoy. Oude wegen en bergpassen verbonden hier de kust met landbouwgebieden, marktplaatsen en nederzettingen verder landinwaarts. Wie deze doorgangen beheerste, kon reizigers, vee, goederen en mogelijke vijanden in de gaten houden.

Juist daarom ontstond op het hoogste deel van de nederzetting een versterkte toren. Dit bouwwerk werd niet toevallig in het landschap geplaatst, maar stond op een strategisch punt vanwaar de vallei en de doorgangen tussen bergen goed konden worden overzien. De toren groeide uit tot het herkenningspunt van de plaats en gaf uiteindelijk haar naam aan het dorp.

De Spaanse naam Torremanzanas en de Valenciaanse naam La Torre de les Maçanes worden beide gebruikt. Op lokale bewegwijzering, gemeentelijke berichten en culturele aankondigingen is de Valenciaanse naam vaak het zichtbaarst. Voor Nederlandse en Belgische lezers kan dat verwarrend zijn, maar het gaat steeds om dezelfde plaats.

De naam wordt meestal vertaald als de toren van de appels. Historisch onderzoek geeft daar een verrassende aanvulling op. Het middeleeuwse woord maçana betekende weliswaar appel, maar verwees in dit geval waarschijnlijk niet naar fruitbomen. De naam lijkt betrekking te hebben gehad op bolvormige architectonische versieringen boven op de toren, die door de christelijke veroveraars met appels werden vergeleken.

Mogelijk stond boven op de islamitische toren een ŷāmūr. Dat was een verticale metalen staaf met verschillende bollen, die vaak boven op een minaret of ander islamitisch gebouw werd geplaatst. De bollen konden door middeleeuwse christelijke waarnemers als maçanes, appels, worden omschreven. Zo kan een architectonisch detail uiteindelijk de naam van het hele dorp hebben bepaald.

Sporen uit de prehistorie

Hoewel de zichtbare geschiedenis van Torremanzanas sterk wordt bepaald door de middeleeuwse toren, leefden er duizenden jaren eerder al mensen in dit berggebied. Een van de belangrijkste bewijzen daarvoor is de Cova de la Barcella, een prehistorische grot binnen het gemeentelijke gebied.

De grot behoort tot de interessantste vindplaatsen uit het Chalcolithicum in de provincie Alicante. Het Chalcolithicum wordt in het Nederlands ook de Kopertijd genoemd en vormt de overgang tussen het Neolithicum en de Bronstijd. Mensen gebruikten toen nog veel stenen werktuigen, maar begonnen ook koper te bewerken.

De Cova de la Barcella werd in 1928 en 1929 onderzocht door José Belda Domínguez, beter bekend als Padre Belda. Hij was destijds priester in Torremanzanas en zou later een belangrijke rol spelen binnen de archeologie van Alicante. Tijdens de opgravingen werden menselijke resten, gebruiksvoorwerpen en bijzondere grafgiften gevonden.

Een van de bekendste voorwerpen is een klein ankerachtig idool van been uit de eerste helft van het derde millennium voor Christus. Een idool is een voorwerp met een vermoedelijk symbolische of religieuze betekenis. Deze vondst maakt tegenwoordig deel uit van de prehistorische collectie van het archeologisch museum MARQ in Alicante.

De kwaliteit en verscheidenheid van de vondsten uit de Cova de la Barcella hielpen archeologen om de Kopertijd in de Valenciaanse gebieden beter te begrijpen. De grot was waarschijnlijk geen gewone woonplek, maar werd gebruikt voor begrafenissen en rituelen. De aangetroffen voorwerpen vertellen daardoor niet alleen iets over het dagelijkse leven, maar ook over de manier waarop mensen toen met dood, familie en geloof omgingen.

Het bestaan van deze vindplaats laat zien dat de geschiedenis van Torremanzanas niet bij de islamitische periode begint. Het berglandschap bood al in de prehistorie water, beschutting, jachtmogelijkheden en verbindingen met andere gebieden. De huidige gemeente ligt daarmee in een omgeving die al duizenden jaren door mensen wordt gebruikt.

Archeologische vindplaatsen zijn wettelijk beschermd. Ze mogen niet zonder toestemming worden betreden, uitgegraven of verstoord. Wie voorwerpen of mogelijke resten aantreft, moet die laten liggen en de vondst melden bij de gemeente of de bevoegde erfgoedinstantie.

Iri en de islamitische toren

Kleine nederzetting bij de rivier

De directe voorloper van Torremanzanas was een kleine islamitische nederzetting die Iri werd genoemd. Een dergelijk gehucht werd in al-Andalus aangeduid als een alquería. Dat was een agrarische nederzetting met woningen, landbouwgrond, waterwerken en soms een kleine versterking.

Iri lag bij de bedding van de huidige Riu de la Torre, in een bergpas die het binnenland met de kust verbond. De bewoners leefden vooral van landbouw en veeteelt. Op droge gronden verbouwden zij granen en hielden zij dieren, terwijl dichter bij het water een vruchtbaarder landbouwgebied ontstond.

Langs de rivier werden terrassen aangelegd die via irrigatiekanalen water ontvingen uit twee bronnen. Dit bevloeide gebied werd in verschillende fasen uitgebreid en bereikte uiteindelijk een oppervlakte van ongeveer twaalf hectare. Voor een kleine bergnederzetting was dat een belangrijk productief gebied.

De landbouwterrassen, bronnen en irrigatiekanalen waren noodzakelijk om in een droog mediterraan klimaat voldoende voedsel te produceren. Het landschap dat tegenwoordig natuurlijk lijkt, is daardoor voor een deel het resultaat van eeuwen menselijk werk. Hellingen werden afgevlakt, stenen werden gebruikt voor muren en water werd zorgvuldig over akkers verdeeld.

Aan het einde van de twaalfde of het begin van de dertiende eeuw werd bij Iri een versterkt complex gebouwd. Dat gebeurde tijdens de laatste fase van de islamitische heerschappij, waarschijnlijk onder de Almohaden. De Almohaden vormden een islamitische dynastie die destijds over grote delen van het Iberisch Schiereiland en Noord-Afrika regeerde.

Een toren van aangestampte aarde

De hoofdtoren had een vrijwel vierkante plattegrond met zijden van ongeveer tien meter en bereikte vermoedelijk een hoogte van ongeveer vijftien meter. Rond de toren stond een muur die een omheind en verdedigbaar terrein vormde. Een deel van de oostelijke muur is bewaard gebleven.

In het ommuurde complex stonden verschillende bijgebouwen. Historisch en archeologisch onderzoek wijst erop dat zich binnen het terrein waarschijnlijk ook een kleine moskee bevond. De toren kon behalve als verdedigingswerk mogelijk ook een religieuze functie hebben gehad, bijvoorbeeld als minaret of herkenningspunt bij de gebedsruimte.

De oorspronkelijke muren werden gebouwd met tapial. Bij deze bouwtechniek worden aarde, kalk, grind en stenen laag voor laag tussen houten bekistingen aangestampt. Zodra een laag hard genoeg is, wordt de bekisting verplaatst en begint de volgende laag.

Tapial lijkt eenvoudig, maar kan bij een goede samenstelling zeer sterk zijn. De onderste delen van de toren werden extra bestand gemaakt tegen vocht en beschadiging. De materialen kwamen grotendeels uit de directe omgeving, waardoor de kleur en structuur van de muren nauw aansluiten bij het plaatselijke landschap.

De toren beschermde niet alleen de bewoners van Iri. Hij maakte het ook mogelijk om de bergroute te bewaken en waarschuwingen door te geven. In een periode waarin gezag over het gebied regelmatig veranderde, vormden zulke versterkingen belangrijke punten in een groter netwerk.

Nieuwe naam na de verovering

In de dertiende eeuw breidde koning Jaume I van Aragón zijn macht uit over het huidige Valenciaanse gebied. In 1246 wordt de nederzetting in een christelijk document aangeduid als het plaatsje Iri dat voortaan Torre de Maçanes werd genoemd. Daarmee werd de oude plaatsnaam vervangen door een naam die rechtstreeks naar de versterkte toren verwees.

Jaume I schonk het gebied aanvankelijk aan García Martínez. De christelijke verovering betekende echter niet dat het berggebied direct volledig onder controle stond. Tijdens de opstand en oorlog rond de islamitische leider al-Azraq, tussen 1247 en 1258, bleef Torre de Maçanes enige tijd in islamitische handen.

In 1258 schonk Jaume I de plaats aan Adam de Paterna en Ramon de Mirambell, op voorwaarde dat de opstandige bewoners het gebied zouden overgeven. In documenten uit die periode wordt de toren beschreven als gelegen aan de uiterste grenzen van het koninkrijk Valencia. Dat onderstreept de strategische betekenis van de plaats.

De macht over Torremanzanas wisselde daarna verschillende keren. In 1297 kocht Roger de Llúria, admiraal van de Kroon van Aragón en heer van onder meer Alcoy en Cocentaina, de plaats van Pelegrín de Bolas. De nederzetting bleef tot 1374 verbonden met de familie van Llúria.

Na de uitbreiding van de Kroon van Aragón met Alicante, Elche, Orihuela en Guardamar verloor Torre de les Maçanes geleidelijk haar positie als directe grensplaats. De toren bleef echter belangrijk voor het lokale bestuur, de veiligheid en de bewoners.

Documenten uit 1356 geven een zeldzaam beeld van de bevolking. Zeventien gezinshoofden legden toen trouw af aan de vertegenwoordiger van de heer. De inwoners waren op dat moment allemaal moslim en vormden samen een aljama. Een aljama was een officieel georganiseerde islamitische gemeenschap met eigen vertegenwoordigers, religieuze gebruiken en interne afspraken.

In hetzelfde jaar begon de Oorlog van de Twee Pedro’s tussen Aragón en Castilië. Torre de les Maçanes kwam gedurende ongeveer twee jaar in Castiliaanse handen, voordat de Kroon van Aragón de controle herstelde. Voor een klein bergdorp betekenden zulke oorlogen onzekerheid, extra lasten en risico op beschadiging van huizen en oogsten.

Sibil·la herstelt de toren

Historische straat en oude bebouwing in La Torre de les MaçanesAan het einde van de veertiende eeuw kwam Torre de les Maçanes in handen van koningin Sibil·la de Fortià, de vierde echtgenote van koning Pedro IV van Aragón, bijgenaamd de Ceremoniële. Zij liet tussen 1380 en 1382 omvangrijke herstelwerkzaamheden aan de toren en bijbehorende gebouwen uitvoeren.

De bewaard gebleven rekeningen laten opvallend precies zien welke materialen en vakmensen nodig waren. Er werd kalk geproduceerd, hout gekapt en bewerkt en er werden duizenden dakpannen en bakstenen gemaakt. Voor de productie van de dakpannen moest zelfs een nieuwe oven worden gebouwd, omdat die in de nederzetting niet beschikbaar was.

Bij het werk waren zowel christelijke als islamitische ambachtslieden betrokken. Zo werd de levering van grote hoeveelheden kalk verzorgd door islamitische arbeiders uit Cocentaina. Dit laat zien dat bouwprojecten, handel en vakmanschap in het middeleeuwse binnenland niet strikt langs religieuze grenzen verliepen.

In 1381 vestigde zich bovendien een alfaquí in Torre de les Maçanes. Een alfaquí was een islamitische religieuze geleerde of leraar. Hij beloofde ten minste vijf jaar in de plaats te blijven. Zijn aanwezigheid bevestigt dat de islamitische gemeenschap hier ook na de christelijke verovering haar religieuze en sociale structuur behield.

De herstelcampagne van Sibil·la de Fortià veranderde de toren aanzienlijk. Daken, vloeren en bijgebouwen werden vernieuwd, terwijl de oorspronkelijke kern van aangestampte aarde behouden bleef. De Casa Alta die tegenwoordig zichtbaar is, bestaat daardoor uit verschillende bouwfasen die over elkaar heen zijn gegroeid.

Xixona verandert het dorp

Overgang naar christelijke bevolking

In de vijftiende eeuw veranderde de samenleving van Torre de les Maçanes ingrijpend. In 1470 ontstond een conflict toen gewapende inwoners van Penàguila naar de plaats trokken en aanspraak maakten op het gebied. Twee jaar later kocht de stad Xixona, in het Spaans Jijona, de nederzetting voor 44.000 Valenciaanse sueldos.

In 1480 stemde koning Fernando II van Aragón ermee in dat Torre de les Maçanes blijvend bij het koninklijk domein en de jurisdictie van Xixona werd gevoegd. In de daaropvolgende jaren werd de plaatselijke islamitische bevolking verdreven en vervangen door christelijke gezinnen uit Xixona.

Dit gebeurde dus ruim een eeuw vóór de algemene verdrijving van de moriscos uit Spanje in 1609. De oorspronkelijke versie van dit artikel verbond Torremanzanas nadrukkelijk met de ontvolking en herbevolking na 1609. Voor deze plaats ligt de beslissende bevolkingswisseling echter eerder, tussen ongeveer 1480 en 1495.

De overgang betekende het verdwijnen van de plaatselijke islamitische gemeenschap die hier eeuwenlang had gewoond. Huizen, akkers en irrigatiegebieden werden opnieuw verdeeld. De nieuwe bewoners namen een landschap over dat door hun voorgangers was ingericht en bouwden daarop verder.

De landbouw veranderde deels van karakter. De christelijke kolonisten breidden onder meer de druiventeelt uit en begonnen op grotere schaal wijn te produceren. Toch bleven veel oudere structuren bestaan. De terrassen, waterleidingen, wegen en de plaats van de nederzetting zelf waren immers praktisch en konden niet eenvoudig worden vervangen.

Naast de toren werd waarschijnlijk een kapel gewijd aan Santa Catalina gebouwd, mogelijk op of dicht bij de plek van de vroegere moskee. Daarmee kreeg het religieuze centrum van de nederzetting een nieuwe christelijke invulling.

De kerk van Santa Ana

In 1588 begon de bouw van een nieuwe kerk die werd gewijd aan Santa Ana. De kerk functioneerde aanvankelijk als een vicariaat van de parochie van Xixona. Een vicariaat was een kerkelijke gemeenschap die door een eigen geestelijke werd bediend, maar bestuurlijk nog onder een grotere parochie viel.

De keuze voor Santa Ana kreeg een blijvende betekenis. Zij bleef verbonden met de plaatselijke kerk en met de jaarlijkse feestkalender. San Gregorio is de bekende patroonheilige van Torremanzanas, maar de parochiekerk zelf is aan Santa Ana gewijd.

De oorspronkelijke kerk was kleiner dan het huidige gebouw. Door bevolkingsgroei en veranderingen in het dorpsleven werd zij in latere eeuwen uitgebreid en grotendeels vernieuwd. Het huidige neoklassieke uiterlijk is vooral het resultaat van werkzaamheden uit het einde van de achttiende en het begin van de negentiende eeuw.

De kerk werd een belangrijk middelpunt voor missen, begrafenissen, huwelijken, processies en plaatselijke bijeenkomsten. Onder en rond oude kerken werden bovendien vaak inwoners begraven. Ook in de kerk van Santa Ana zijn historische begraafplaatsen en menselijke resten aangetroffen.

Oorlog verwoest Torremanzanas

Oude gebouwen en historisch dorpslandschap van TorremanzanasEen van de zwaarste perioden in de geschiedenis van Torremanzanas kwam tijdens de Spaanse Successieoorlog van 1701 tot 1714. In deze strijd ging het om de vraag wie na de dood van de kinderloze koning Carlos II de Spaanse troon mocht overnemen.

Xixona en het daarvan afhankelijke Torre de les Maçanes steunden Felipe van Bourbon, de latere koning Felipe V. Alcoy en Penàguila kozen de kant van aartshertog Carlos van Oostenrijk. Daardoor kwam het kleine bergdorp midden in een regionaal conflict terecht.

In 1706 en 1707 werd Torre de les Maçanes tweemaal aangevallen, geplunderd en in brand gestoken door troepen die aartshertog Carlos steunden. Historische bronnen melden dat verschillende bewoners werden gedood. Huizen, landbouwvoorraden en gebouwen liepen zware schade op.

Een versterkt huis of torengebouw van Bruno Aracil werd door inwoners als toevluchtsoord gebruikt. Engelse soldaten die aan de zijde van de Oostenrijkse kandidaat vochten, plaatsten volgens de historische documentatie vaten buskruit bij de hoeken van het gebouw en brachten deze tot ontploffing. Het bouwwerk bleef zwaar beschadigd achter.

Na de overwinning van Felipe V kreeg Xixona in 1708 toestemming om Torre de les Maçanes opnieuw op te bouwen. De koning bepaalde dat de kosten op de aanhangers van de Oostenrijkse kandidaat in Alcoy en Penàguila konden worden verhaald. In de praktijk duurde het herstel van de plaatselijke economie en bebouwing veel langer dan één jaar.

De oorlog vormde een duidelijke breuk in de dorpsgeschiedenis. Gebouwen moesten worden hersteld, landbouwgrond opnieuw in gebruik genomen en families moesten hun bestaan weer opbouwen. Tegelijk bleef de middeleeuwse toren, ondanks schade en verbouwingen, onderdeel van het dorpsbeeld.

San Gregorio en Pa Beneït

De bekendste traditie van Torremanzanas ontstond in de zeventiende eeuw en is verbonden met San Gregorio de Ostia. Volgens de plaatselijke overlevering werd de omgeving in 1658 bedreigd door een ernstige sprinkhanenplaag. Voor een gemeenschap die vrijwel volledig van landbouw afhankelijk was, kon zo’n plaag hongersnood en armoede veroorzaken.

De inwoners riepen de hulp van San Gregorio in. Nadat de plaag verdween, werd de heilige als beschermer van het dorp en de landbouw geëerd. Rond zijn feestdag op 9 mei ontstond een uitgebreid ritueel waarin brood, bloemen, kleding, muziek en religie samenkomen.

Het bekendste onderdeel is het Pa Beneït, letterlijk het gezegende brood. De broden worden met de hand gemaakt en wegen meestal ongeveer zes tot acht kilo. Ze worden versierd met bloemen en kostbare geborduurde stoffen en op grote ronde schalen gelegd.

Zo’n schaal wordt een llibrell genoemd. De vrouwen die een belangrijke rol in het feest vervullen, de clavariesses, dragen de zware schalen met de broden op hun hoofd naar de kerk. De mannen die bij de organisatie en ceremonie betrokken zijn, worden llumeners genoemd.

Tijdens de offerande dragen de deelnemers traditionele landbouwkleding. Een opvallend onderdeel van de vrouwenkleding is de mocaor negre, een zwarte hoofddoek die rijk met bloemen is geborduurd. Voor de broodprocessie worden lichtere doeken en witte onderrokken gedragen.

De broden worden tijdens een plechtige optocht naar de kerk gebracht en aan San Gregorio aangeboden. Muziek en oude religieuze liederen begeleiden het ritueel. Twee plaatselijke melodieën, de Rosario de la Aurora en de Gozos al Santo Patrón, zijn al ongeveer twee eeuwen met het feest verbonden.

Het Pa Beneït is geen gewone broodzegening. Het ritueel bewaart elementen van oudere landbouwgebruiken waarin brood werd aangeboden als dank voor vruchtbaarheid en bescherming van de oogst. Deze gebruiken kregen in de loop van de tijd een christelijke betekenis rond San Gregorio.

In 2014 werd het ritueel officieel uitgeroepen tot Bien de Interés Cultural Inmaterial. Dat betekent dat het als immaterieel cultureel erfgoed van bijzonder belang wordt beschermd. Niet alleen het brood zelf, maar ook de kennis, kleding, muziek, voorbereiding, processie en betrokkenheid van de gemeenschap horen bij dat erfgoed.

Zelfstandig als Villa Real

Torremanzanas bleef eeuwenlang bestuurlijk afhankelijk van Xixona. Tegen het einde van de achttiende eeuw groeide de wens om een zelfstandige gemeente te worden. In 1789 begon een formeel proces om de plaats van de jurisdictie van Xixona los te maken.

Op 8 november 1794 gaf koning Carlos IV toestemming voor de afscheiding. Torre de les Maçanes kreeg de status van Villa Real en een eigen gemeentebestuur. De term villa betekent hier niet een vrijstaande woning, maar een historische bestuurlijke titel voor een plaats met bepaalde rechten en zelfstandigheid.

In sommige oudere samenvattingen wordt 1805 genoemd als het jaar waarin Torremanzanas de titel van villa kreeg. Uit het gedetailleerde archiefonderzoek rond de Casa Alta blijkt echter dat het koninklijke besluit in 1794 werd genomen. Het jaar 1805 houdt vooral verband met de afronding van de uitbreiding en verbouwing van de parochiekerk.

Voor de zelfstandigheid werd een nauwkeurige beschrijving van het dorp opgesteld. Torremanzanas telde toen 782 inwoners, verdeeld over 178 huishoudens. Voor een bergdorp was dat een aanzienlijke gemeenschap.

De beschrijving vermeldt onder meer een pastoor, twee chirurgijns, twee graanmolens, een smederij, een zoutopslag, een oven, een levensmiddelenwinkel, een herberg en een bakkerij. Een chirurgijn was destijds geen moderne chirurg, maar een medische vakman die eenvoudige behandelingen, wondverzorging en kleine ingrepen uitvoerde.

Landbouw en veeteelt bleven de belangrijkste bronnen van bestaan. Er werden granen, amandelen, olijven en druiven verbouwd. De omliggende boerderijen en landbouwterrassen vormden samen met de compacte dorpskern het economische fundament van de nieuwe zelfstandige gemeente.

Groei in de negentiende eeuw

De negentiende eeuw bracht Torremanzanas een opvallende bevolkingsgroei. Door verbeteringen in landbouwproductiviteit, uitbreiding van de wijngaarden en groei van plaatselijke ambachten nam het aantal inwoners sterk toe.

In 1897 bereikte de gemeente met ongeveer 1.680 inwoners haar hoogste bekende bevolkingsaantal. Dat was ruim tweemaal zoveel als tegenwoordig. Straten die nu rustig ogen, waren destijds gevuld met gezinnen, landbouwers, ambachtslieden, handelaren en dieren.

De Calle Mayor vormde een belangrijk commercieel centrum. Er waren onder meer een winkel, een kapper, een handel in trek- en rijdieren, een timmerman, een maker van zadels en tuigage, een tabakswinkel en een schoenmaker die traditioneel schoeisel vervaardigde.

Ook in andere straten waren molenaars, een wever en een smid actief. De economie bestond dus niet alleen uit landbouw. Ambachten en kleine ondernemingen voorzagen in de dagelijkse behoeften van het dorp en de verspreid liggende boerderijen.

De druiventeelt en wijnproductie speelden een steeds grotere rol. In verschillende huizen en boerderijen waren cups aanwezig. Dat waren gemetselde bakken waarin druiven werden geperst of waarin most en wijn tijdens de productie werden opgeslagen.

Deze bloeiperiode kwam aan het begin van de twintigste eeuw onder druk te staan door de druifluis. Rond 1910 bereikte de phylloxera ook dit gebied. Dit kleine insect tast de wortels van wijnstokken aan en vernietigde in grote delen van Europa complete wijngaarden.

Voor Torremanzanas betekende de aantasting het einde van een belangrijk deel van de plaatselijke wijnproductie. Veel wijngaarden werden gerooid of vervangen door amandel- en olijfbomen. Het landbouwlandschap veranderde daardoor opnieuw.

Vertrek en modernisering

De twintigste eeuw bracht een langdurige daling van de bevolking. Industrie, beter betaald werk en nieuwe voorzieningen trokken jongeren naar Alcoy, Alicante, Jijona en later ook naar de snel groeiende kustplaatsen.

Historisch dorpsbeeld van Torremanzanas in AlicanteDe Spaanse Burgeroorlog en de moeilijke jaren daarna raakten ook Torremanzanas. Het dagelijks leven werd bepaald door schaarste, politieke spanningen en de noodzaak om zoveel mogelijk voedsel zelf te produceren. De landbouw bleef belangrijk, maar kon steeds minder gezinnen een volledig inkomen bieden.

Buiten de dorpskern lagen tientallen masías. Een masía is een vrijstaande boerderij of landelijke woning met bijbehorende landbouwgrond. Sommige boerderijen bestonden al eeuwen en vormden kleine werkgemeenschappen waar meerdere generaties samen leefden.

Naarmate gezinnen naar steden vertrokken, raakten verschillende masías en landbouwterrassen verlaten. Het landschap veranderde. Akkers groeiden dicht met struiken en jonge bomen, terwijl oude muren en waterwerken minder intensief werden onderhouden.

In 1926 werd op ongeveer 965 meter hoogte een sanatorium gebouwd. Het bergklimaat en de schone lucht werden destijds geschikt geacht voor patiënten met tuberculose. Het complex werd ook gebruikt als rusthuis, vakantiekolonie voor kinderen en tijdens de Burgeroorlog als militair hospitaal.

Het sanatorium verloor later zijn functie en raakte verlaten. Hoewel het gebouw deel uitmaakt van de twintigste-eeuwse geschiedenis van Torremanzanas, is het geen vrij toegankelijke attractie. Oude vloeren, daken en muren kunnen instabiel zijn en privéterrein en afzettingen moeten worden gerespecteerd.

Vanaf de tweede helft van de twintigste eeuw verbeterden wegen, elektriciteit, watervoorziening en communicatie. Tegelijk nam de afhankelijkheid van grotere plaatsen toe. Winkels, medische zorg en werk verplaatsten zich steeds meer naar Jijona, Alcoy en Alicante.

In 1991 telde Torremanzanas nog ongeveer 702 inwoners. De sterke groei van de negentiende eeuw was daarmee vrijwel volledig teruggedraaid. Toch bleef de gemeenschap bestaan en werden belangrijke feesten, landbouwtradities en gebouwen behouden.

Casa Alta krijgt nieuw leven

De middeleeuwse toren werd door de eeuwen heen voor verschillende doeleinden gebruikt en kreeg uiteenlopende namen. In documenten komen onder meer Torre Major, Torre de la Costa en Torre Alta voor. De naam Casa Alta raakte vooral in de twintigste eeuw ingeburgerd.

Vanaf 1670 was de toren eigendom van de familie Rovira. In 1989 schonken José María, Luis en Andrés Rovira Llorens het gebouw en de bijbehorende grond aan de gemeente. Daardoor kon de overheid plannen maken voor bescherming en restauratie.

Tussen 2006 en 2009 werden de muren onderzocht, geconsolideerd en gerestaureerd. Archeologen en architecten brachten verschillende bouwfasen in kaart en maakten zichtbaar welke delen nog uit de oorspronkelijke islamitische periode stammen.

De vier buitenmuren van de hoofdtoren en een deel van de oostelijke ommuring behoren tot de belangrijkste oorspronkelijke elementen. Andere onderdelen zijn later toegevoegd of vervangen. De restauratie probeerde niet om het gebouw volledig nieuw te laten lijken, maar om de verschillende historische lagen leesbaar te houden.

In 2011 werd de Casa Alta ingericht als museale en culturele locatie. Binnen werd informatie aangebracht over de islamitische nederzetting Iri, de middeleeuwse bewoners, de bouwtechniek en de latere geschiedenis van Torremanzanas.

Ook het terrein rond de toren werd aangepast, zodat bezoekers delen van de oorspronkelijke versterking beter konden begrijpen. De openingstijden kunnen beperkt zijn en veranderen. Wie het interieur wil bekijken, kan daarom het best vooraf bij de gemeente informeren.

De restauratie gaf het dorp zijn belangrijkste historische symbool terug. De toren is niet langer alleen een oud bouwwerk dat boven de huizen uitsteekt, maar een plek waar bewoners en bezoekers kennis kunnen maken met de oorsprong van La Torre de les Maçanes.

Feesten bewaren het verleden

Naast San Gregorio en het Pa Beneït kent Torremanzanas meerdere jaarlijkse feesten die ieder een eigen deel van de lokale geschiedenis bewaren. De feesten van Santa Ana worden traditioneel op 24, 25 en 26 juli gehouden en zijn verbonden met de parochiekerk.

Bij deze viering spelen getrouwde vrouwen uit het dorp van oudsher een belangrijke rol. Zij dragen traditionele landbouwkleding tijdens religieuze plechtigheden en nemen deel aan culturele en sociale activiteiten.

Rond 15 augustus wordt de Mare de Déu dels Fadrins gevierd. Deze naam kan worden vertaald als de Maagd van de ongehuwde jongeren. Historisch waren vooral de vrijgezelle jonge mannen bij de organisatie betrokken.

Een bekend onderdeel van het augustusfeest is La Banyà, een grote en speelse waterstrijd in de straten. Deelnemers gebruiken emmers en andere waterhouders en dragen vaak oude kleding of verkleedkostuums.

Tijdens deze periode kan ook een humoristische plaatselijke variant op Moren en Christenen worden opgevoerd. Torremanzanas behoort echter niet tot de gemeenten waar een grote historische Moren-en-Christenenoptocht het belangrijkste patroonfeest vormt. De eigen tradities rond brood, landbouw, familie en dorpsrollen zijn kenmerkender.

In december wordt de Onbevlekte Ontvangenis gevierd. Ook bij dit feest spelen traditionele kleding, religieuze ceremonies en de deelname van jonge vrouwen een belangrijke rol.

De feestkalender laat zien hoe het dorpsleven vroeger was georganiseerd rond leeftijd, huwelijkse staat, landbouw en geloof. Sommige rollen zijn in de moderne tijd veranderd, maar de namen, kleding en rituelen herinneren nog altijd aan de oude sociale structuur.

Geschiedenis leeft in het landschap

De geschiedenis van Torremanzanas is niet alleen zichtbaar in de Casa Alta of de kerk. Ook de omgeving vertelt het verhaal van duizenden jaren bewoning. Oude landbouwterrassen, irrigatiekanalen, bronnen, boerderijen en paden laten zien hoe mensen het berglandschap bruikbaar maakten.

De Pou de Neu del Rentonar is een ander voorbeeld van historisch erfgoed. Dit is een oude sneeuwput op ongeveer 1.160 meter hoogte. In de winter werd sneeuw verzameld en samengeperst, waarna het gevormde ijs in warmere maanden naar dorpen en steden werd vervoerd.

Het ijs werd gebruikt voor het bewaren van voedsel, de bereiding van koude dranken en medische behandelingen. Voordat koelkasten bestonden, vormde de handel in sneeuw en ijs een waardevolle economische activiteit.

Verspreid over de gemeente liggen verder oude graansilo’s, molenresten en versterkte boerderijen. De Foia de Cortés is een voorbeeld van een grote landelijke woning die door de eeuwen heen verschillende functies en verbouwingen heeft gekend.

Wie door Torremanzanas en het buitengebied wandelt, beweegt daardoor door een cultuurlandschap. Zelfs een ogenschijnlijk eenvoudige stenen muur kan het resultaat zijn van generaties landbouwers die grond vasthielden, percelen afbakenden en paden aanlegden.

Voor Nederlanders en Belgen die willen wonen in Alicante of overwegen naar het binnenland te verhuizen, geeft deze geschiedenis belangrijke achtergrond. Torremanzanas is niet alleen een rustig en betaalbaar bergdorp, maar een gemeenschap die door grensconflicten, landbouw, bevolkingswisselingen, oorlog en emigratie is gevormd.

Wie hier komt wonen, stapt in een bestaand verhaal. Interesse tonen in de Casa Alta, het Pa Beneït, de plaatselijke taal en de landbouwtradities helpt om het dorp beter te begrijpen en gemakkelijker contact te maken met inwoners.

Meer lezen over Torremanzanas

Wie Torremanzanas beter wil leren kennen, kan op MijnAlicante.nl ook verder lezen over de algemene informatie over Torremanzanas, de natuur rond Torremanzanas, toerisme in Torremanzanas en wonen in Torremanzanas. Deze onderwerpen sluiten goed op elkaar aan, omdat de geschiedenis van het dorp niet losstaat van zijn hoogte, landbouw, feesttradities en berglandschap.

De toren vertelt verder

Torremanzanas is een dorp waar het verleden dicht aan de oppervlakte blijft. De Casa Alta herinnert aan de islamitische nederzetting Iri en aan een tijd waarin de bergpas moest worden bewaakt. De Cova de la Barcella voert het verhaal nog duizenden jaren verder terug, naar mensen uit de Kopertijd die hier hun doden begroeven.

De christelijke verovering veranderde de naam en het bestuur, maar de islamitische bevolking bleef nog eeuwen aanwezig. Pas aan het einde van de vijftiende eeuw werd zij verdreven en vervangen door christelijke gezinnen uit Xixona. De nieuwe bewoners namen de terrassen, wegen en waterwerken over en voegden nieuwe gewassen, gebouwen en tradities toe.

De Spaanse Successieoorlog bracht verwoesting, maar het dorp werd opnieuw opgebouwd. De zelfstandigheid van 1794, de groei van de negentiende eeuw en de latere leegloop maakten Torremanzanas tot de kleine maar trotse gemeente die het tegenwoordig is.

De geschiedenis leeft niet alleen in documenten en stenen. Zij wordt ieder jaar opnieuw zichtbaar wanneer zware broden tijdens het Pa Beneït door de straten worden gedragen, wanneer traditionele kleding uit de kast komt en wanneer inwoners samenkomen rond San Gregorio en Santa Ana.

Wie de tijd neemt om door La Torre de les Maçanes te wandelen, ontdekt daarom geen verzameling losse monumenten. De toren, kerk, straten, terrassen, boerderijen en feesten vormen samen één verhaal over bescherming, landbouw, geloof, verlies en veerkracht.

Juist die samenhang maakt de geschiedenis van Torremanzanas zo bijzonder. Het grote verleden van het koninkrijk Valencia en de provincie Alicante wordt hier zichtbaar op menselijke schaal: in een toren van aangestampte aarde, een veld met amandelbomen, een eeuwenoud lied en een versierd brood dat door de gemeenschap naar de kerk wordt gedragen.

Dit artikel is voor het laatst bijgewerkt op 3 augustus 2026.