Geschiedenis van Redován

Geschiedenis van Redován met historische kern en de Sierra de CallosaWie vandaag door de straten van Redován wandelt, tussen witte gevels, pleinen en het vaste decor van de Sierra de Callosa, voelt dat dit geen plaats is die zomaar uit de grond is gestampt. De geschiedenis van Redován ligt niet alleen in grote monumenten, maar vooral in het landschap, in de ligging aan de voet van de berg en in de manier waarop het dorp zich door de eeuwen heen heeft aangepast. Het is het verhaal van een gemeenschap die gevormd werd door landbouw, geloof, bestuur, waterbeheer en haar plek in de Vega Baja, een van de vruchtbaarste gebieden van het zuiden van Alicante.

Redován is geen dorp met één eenvoudig beginpunt. De naam, de ligging en de ontwikkeling van de plaats verwijzen naar verschillende perioden: islamitische wortels, middeleeuwse landverdeling, adellijke families, de invloed van Orihuela, de dominicanen, de negentiende-eeuwse veranderingen en de groei naar een moderne gemeente. Juist die gelaagdheid maakt Redován interessant voor wie de provincie Alicante beter wil begrijpen. Het dorp laat zien dat het zuiden van Alicante niet alleen uit kustplaatsen, urbanisaties en landbouwvelden bestaat, maar ook uit oude gemeenschappen waar geschiedenis nog in het dorpsweefsel voelbaar is. Wie eerst een breder beeld van de plaats wil krijgen, kan ook verder lezen op de pagina Redován in Alicante.

Naam met Arabische wortels

De naam Redován heeft volgens de gemeentelijke geschiedschrijving een duidelijke Arabische oorsprong. In oudere verklaringen wordt soms verwezen naar de figuur Farax Ben Redvan of Ridwan, een militair leider die in verband wordt gebracht met Granada en met een aanval op Guardamar in 1331. Volgens die overlevering zou hij zijn kamp hebben opgeslagen in de omgeving van de huidige Sierra de Redován of Sierra de Callosa, waarna de plek zijn naam aan hem te danken kreeg. Dat is een mooi verhaal, maar het wordt door de eigen gemeentelijke geschiedenis niet als de meest zekere verklaring gepresenteerd.

Belangrijker is dat de naam al vóór 1331 in het Libro de Repartimientos de Orihuela wordt genoemd als Aben-Redvan. Dat wordt uitgelegd als een verwijzing naar de kinderen of nakomelingen van Redován, waarschijnlijk een eigenaar of familie met die naam. Daarmee lijkt de naam dus ouder en dieper in de lokale geschiedenis geworteld dan de latere legende rond Farax Ben Redvan alleen. Voor Nederlandse en Belgische lezers is dat een nuttige nuance. De geschiedenis van Redován begint niet met één heldhaftig verhaal, maar met een plaatsnaam die terugwijst naar de islamitische en middeleeuwse wereld van de Vega Baja.

Die oorsprong past goed bij de bredere geschiedenis van de streek. De Vega Baja was in de islamitische periode een gebied waar landbouw, irrigatie en nederzettingen nauw met elkaar verbonden waren. De vruchtbare grond rond de Segura en de ligging tussen berg en vlakte maakten het gebied aantrekkelijk. Ook Redován lag niet zomaar ergens. De plaats ontstond op een strategische en praktische plek: bij de berg, dicht bij landbouwgrond en binnen de invloedssfeer van Orihuela.

Vroege sporen en landschap

De omgeving van Redován is al heel lang aantrekkelijk voor bewoning. Dat heeft alles te maken met de combinatie van vruchtbare grond, beschutting en de overgang tussen berg en vlakte. De Sierra de Callosa biedt een opvallende natuurlijke rand, terwijl de vlaktes van de Vega Baja al eeuwenlang geschikt zijn voor landbouw. In een droge mediterrane streek is zo’n combinatie van water, bodem en bescherming van grote betekenis. Wie vandaag naar Redován kijkt, ziet dus niet alleen een dorp aan een berg, maar een plek waar natuurlijke omstandigheden al vroeg menselijke aanwezigheid mogelijk maakten.

Rond Redován en de omliggende berghellingen zijn ook archeologische vondsten gedaan die laten zien dat het gebied vóór de moderne dorpsgeschiedenis al betekenis had. De Camino del Cid wijst op Iberische vondsten uit opgravingen rond 1895, waaronder keramiek en sculpturen die uiteindelijk in belangrijke museumcollecties terechtkwamen. Voor bezoekers en bewoners is dat interessant, omdat het laat zien dat Redován niet alleen middeleeuwse of vroegmoderne geschiedenis heeft. De plek past in een veel oudere bewoningsgeschiedenis van het zuiden van Alicante.

Juist in de Vega Baja zie je hoe sterk verschillende perioden over elkaar heen zijn gegroeid. Islamitische irrigatie, christelijke landverdeling, adellijke eigendommen, kerkelijke macht en moderne gemeentevorming hebben elk hun sporen achtergelaten. Voor Redován betekende dat dat de nederzetting niet los te zien is van haar landschap. De ligging onder de Sierra de Callosa en vlak bij de landbouwgronden van de vallei is geen toeval, maar een historische basis voor het bestaan van het dorp.

Van herovering tot heren

In de dertiende eeuw veranderde de politieke kaart van dit deel van Spanje ingrijpend. Tijdens de christelijke verovering van het gebied rond Orihuela, in de jaren 1242-1243, kwam ook de omgeving van Redován in een nieuwe bestuurlijke en religieuze werkelijkheid terecht. Oude islamitische structuren maakten geleidelijk plaats voor christelijke macht, nieuwe eigendomsverhoudingen en een andere organisatie van land en bevolking. Toch betekende die overgang niet dat alles wat eerder bestond ineens verdween. In veel dorpen van de Vega Baja bleven sporen van waterbeheer, landindeling en lokale gewoonten bestaan.

Volgens de gemeentelijke geschiedenis hoorde Redován in de eerste eeuwen na de herovering bij adellijke families die een rol speelden in de omgeving van Orihuela. De familie Mirón wordt daarbij genoemd als belangrijke vroege eigenaar. Namen als Fernando Mirón en Francisco Mirón komen terug in de lokale geschiedschrijving, en er worden zelfs conflicten genoemd tussen de Miróns en de Rocafulls, de heren van Albatera. Dat soort gegevens laat zien dat Redován niet zomaar een anoniem gehucht was, maar deel uitmaakte van een wereld van lokale macht, families, grondbezit en regionale spanningen.

Historisch straatbeeld en dorpsstructuur in RedovánIn de eeuwen na de herovering kwam Redován terecht in een wereld van herenrechten, kerkelijke invloed en landbouwproductie. Dat maakte het dorp deel van het bredere feodale systeem dat in veel delen van Spanje lang standhield. Voor de gewone bevolking betekende dat een leven dat sterk bepaald werd door grond, plichten, seizoenen en de machtsverhoudingen tussen heren en bewoners. De geschiedenis van Redován is daardoor niet alleen een verhaal van koningen en decreten, maar ook van boeren, families en dagelijks overleven.

Santángel en zelfstandigheid

Een belangrijke fase begon aan het einde van de vijftiende eeuw. In 1490 kocht Jaime Santángel het señorío van Redován van de familie Mirón. Een señorío was een heerlijkheid: een gebied waar een heer rechten had over grond, inkomsten en bestuur. Voor Nederlandse en Belgische lezers is dat goed om te vertalen, omdat het woord in Spanje vaak terugkomt in lokale geschiedenis. Redován was in die tijd volgens de lokale bronnen nog vooral een grote alquería, een landbouwgehucht of nederzetting die afhankelijk was van Orihuela.

De familie Santángel was invloedrijk in de omgeving van Orihuela en had banden met de macht rond de Katholieke Koningen. Volgens de gemeentelijke geschiedschrijving wilde Jaime Santángel zijn bezit in Redován versterken en bevolken. Daarvoor vroeg hij voordelen voor nieuwe bewoners, zodat de plek aantrekkelijker werd voor mensen die er wilden gaan wonen en werken. Dat laat zien hoe belangrijk bevolking en landbouwarbeid waren. Een dorp kon alleen groeien wanneer er genoeg mensen waren om het land te bewerken, water te beheren en een gemeenschap op te bouwen.

In 1501 werd het señorío van Redován bevestigd door een decreet van de Katholieke Koningen. In de lokale geschiedschrijving wordt dit moment verbonden met de mogelijke of feitelijke losmaking van Redován van Orihuela. Het is verstandig om dat zorgvuldig te formuleren, omdat de bronnen zelf aangeven dat de precieze juridische betekenis niet altijd eenvoudig is. Duidelijk is in elk geval dat Redován rond deze periode sterker als eigen plaats naar voren kwam en niet alleen meer als een onduidelijke afhankelijkheid van Orihuela werd gezien.

Dominicanen en dorpsmacht

In de zeventiende eeuw kwam Redován onder sterke invloed van de dominicanen van Orihuela. De dominicanen, officieel de Orde van de Predikheren, hadden in Orihuela grote religieuze, intellectuele en economische macht. Zij waren verbonden met het Colegio de Predicadores en met de universiteit van Orihuela. Voor een dorp als Redován betekende hun invloed dat landbouw, bestuur, inkomsten en religieuze structuren nauw met elkaar verweven raakten.

Na de uitwijzing van de moriscos in 1609 veranderden veel dorpen in de regio. Moriscos waren voormalige moslims die tot het christendom waren bekeerd, maar in 1609 uit Spanje werden verdreven. In veel Valenciaanse gebieden leidde dit tot leegloop, economische problemen en nieuwe pogingen om dorpen opnieuw te bevolken. In Redován wordt in dit verband verwezen naar de Carta Puebla van 1614. Zo’n Carta Puebla was een herbevolkingsakte of overeenkomst waarin werd vastgelegd onder welke voorwaarden bewoners zich konden vestigen en land konden gebruiken.

Volgens de gemeentelijke geschiedenis werd Redován in 1615 verkocht aan het Colegio de Predicadores van Orihuela en namen de dominicanen in 1616 daadwerkelijk bezit van het gebied. Daarmee werden zij heren en bezitters van het dorp, de gronden, bergen, inkomsten en rechten die bij het señorío hoorden. Dat had grote invloed op het dagelijks leven. Bewoners waren niet alleen afhankelijk van het land en het water, maar ook van de afspraken, plichten en verhoudingen met de kerkelijke heren. Redován werd daardoor een duidelijk voorbeeld van een dorp waarin geloof, economie en bestuur lange tijd in dezelfde handen lagen.

Landbouw en gemeenschap

Eeuwenlang was Redován in de eerste plaats een landbouwgemeenschap. De inwoners leefden van de grond, van de gewassen van de Vega Baja en van de arbeid die nodig was om het land vruchtbaar te houden. Water was daarbij cruciaal. In een streek als deze was het verschil tussen voorspoed en tegenslag vaak afhankelijk van irrigatie, regen en de manier waarop de gemeenschap haar middelen wist te organiseren. Redován groeide daardoor niet als handelsstad of militaire hoofdplaats, maar als dorp dat zijn bestaan te danken had aan landbouw en aan het vermogen om in een kwetsbaar landschap stand te houden.

In de zeventiende eeuw noemt de lokale geschiedenis gewassen als wijn, moerbei, olijf, fruit, groente, rijst, tarwe en sosa. De moerbei was belangrijk voor de zijdeproductie, terwijl sosa, een plant die werd gebruikt voor de productie van soda, economisch interessant was voor handel en ambacht. Zulke details maken duidelijk dat de landbouw in Redován en de Vega Baja gevarieerder was dan alleen citrus of groente, zoals mensen tegenwoordig vaak denken. De economie bewoog mee met markten, vraag, water en de belangen van grootgrondbezitters.

Die landbouwgeschiedenis gaf het dorp ook een sterk gemeenschapsgevoel. In plaatsen als Redován was men op elkaar aangewezen. Werk op het land, religieuze feesten, familiebanden en de ritmes van de seizoenen vormden samen het sociale weefsel van de gemeenschap. Ook vandaag merk je daar nog sporen van. Het dorp heeft nog altijd iets van die oude samenhang bewaard, ook al is het leven ondertussen moderner en gevarieerder geworden.

Kerk en religie

Zoals in zoveel dorpen in het zuiden van Spanje speelde religie in Redován lange tijd een centrale rol in het dagelijkse leven. Niet alleen als geloof, maar ook als sociale structuur. De kerk was een plaats van samenkomst, een zichtbaar teken van continuïteit en een van de instellingen die de gemeenschap bij elkaar hielden. In Redován is de kerk van San Miguel Arcángel nog steeds een belangrijk herkenningspunt in het dorp en in de plaatselijke identiteit.

Volgens de lokale kerkgeschiedenis werd op de plek van een vroegere moskee een eerste ermita, een kleine kapel of kerk, opgericht ter ere van San Miguel. In 1602 werd de parochie gevormd en kreeg Redován een eigen pastoor. In 1699 werd de oude ermita afgebroken en in 1701 werd een nieuw kerkgebouw ingezegend. Later, in 1792, werden het transept en de kapellen van San Miguel Arcángel en Nuestra Señora de la Salud uitgebreid of vernieuwd. Daarmee is de kerkgeschiedenis van Redován verbonden met verschillende bouwfasen, religieuze veranderingen en de groei van het dorp.

Dorpsleven, kerkelijke traditie en historische verbondenheid in RedovánReligieuze tradities zijn in Redován geen bijzaak geweest, maar een kern van het dorpsleven. Dat zie je terug in de feesten ter ere van Nuestra Señora de la Salud en San Miguel Arcángel, die tot de belangrijkste vieringen van de gemeente behoren. De afbeelding van Nuestra Señora de la Salud wordt in de lokale traditie verbonden met 1462, toen zij aan Redován zou zijn geschonken door Matilde-Jerónima de Santángel. Zulke tradities verbinden inwoners met eerdere generaties en laten zien hoe sterk geloof, ritueel en gemeenschapsleven in Redován met elkaar verweven zijn geweest.

Het Palacio van Redován

Een van de belangrijkste historische gebouwen van Redován is het Palacio, het gebouw dat tegenwoordig als gemeentehuis wordt gebruikt. Volgens de gemeentelijke geschiedenis werd dit paleis in 1726 voltooid, in de tijd dat de dominicanen een grote rol speelden in het dorp. Het gebouw hoorde bij het Colegio de Predicadores van Orihuela en was niet zomaar een mooi huis, maar een symbool van de macht en organisatie van de kerkelijke eigenaars van Redován.

De beschrijvingen van het gebouw laten zien dat het in zijn tijd veel meer functies had dan een eenvoudige dorpswoning. Er waren zalen, vertrekken, een eetkamer, keuken, opslagruimten, balkons en religieuze portretten. Ook wordt vermeld dat er een almazara bij hoorde, een olijfoliemolen of persruimte waar olie werd gemaakt. Tegenover het gebouw bevond zich de gevangenis. Daarmee laat het Palacio goed zien hoe bestuur, landbouwproductie, rechtspraak en kerkelijke macht in het oude Redován dicht bij elkaar lagen.

Later werd het gebouw aangepast en in de twintigste eeuw geschikt gemaakt als gemeentehuis. Rond het jaar 2000 werd het opnieuw gerestaureerd en gemoderniseerd, waarbij traditionele elementen behouden bleven. Voor bezoekers is het Palacio daarom een belangrijk historisch ankerpunt. Het vertelt niet alleen iets over architectuur, maar vooral over de overgang van kerkelijke heerschappij naar modern gemeentebestuur. Wie meer over het dorp als bezoekbestemming wil lezen, kan terecht op de pagina toerisme in Redován.

Negentiende eeuw en bestuur

Een belangrijk keerpunt in de geschiedenis van Redován kwam in de negentiende eeuw. Spanje veranderde ingrijpend door oorlogen, liberale hervormingen, bestuurlijke herschikkingen en de afbouw van oude bezitsstructuren. Ook Redován kreeg daarmee te maken. Tijdens de Napoleontische periode werd het bestuurlijke landschap tijdelijk anders ingedeeld. Later, in 1822, kwam Redován kort onder de provincie Murcia te vallen, voordat het in 1833 definitief terugkeerde naar de provincie Alicante.

Voor Redován was vooral de onteigening van kerkelijk bezit belangrijk. Door de desamortisatie, de verkoop of onteigening van kerkelijke gronden en goederen, verloren de dominicanen hun bezit in Redován. In verband hiermee wordt 1836 genoemd als het moment waarop het eerste constitutionele gemeentebestuur van Redován ontstond. Dat was veel meer dan een administratieve wijziging. Het betekende dat het dorp zich sterker als zelfstandige moderne gemeenschap kon organiseren, los van de oude kerkelijke heerlijkheidsstructuren.

De negentiende eeuw bracht ook andere veranderingen. Volgens de gemeentelijke geschiedenis telde Redován in 1847 ongeveer 160 huizen, inclusief het voormalige paleis van het Colegio de Predicadores. Er waren vijf oliemolens en enkele weefgetouwen. Ook wordt onderwijs genoemd, met aparte scholen voor jongens en meisjes. Zulke gegevens maken de geschiedenis tastbaar. Ze laten zien hoe Redován in die tijd een kleine, arme maar functionerende gemeenschap was, met landbouw, ambacht, religie, bestuur en onderwijs als bouwstenen van het dorpsleven.

Arbeid en nijverheid

Hoewel landbouw de ruggengraat van Redován bleef, kende het dorp ook vormen van lokale nijverheid en ambacht. In vroegere eeuwen had de plaats niet alleen akkers en boomgaarden, maar ook molens en kleinschalige werkplaatsen. De negentiende-eeuwse vermelding van vijf oliemolens en enkele telares, oftewel weefgetouwen, past goed bij een dorp dat niet groot was, maar wel een functie had binnen de streek. Redován stond daarmee niet los van de bredere economische dynamiek van de Vega Baja, waar landbouwproductie, verwerking en lokale handel sterk met elkaar verbonden waren.

De overgang naar modernere tijden betekende niet dat de landbouw verdween, maar wel dat het dorp geleidelijk veranderde. Met betere verbindingen, andere markten en nieuwe economische kansen werd Redován minder uitsluitend afhankelijk van het klassieke dorpsleven. Die verschuiving verliep langzaam, maar was onmiskenbaar. Het dorp begon zich breder te ontwikkelen dan alleen als landbouwplaats aan de voet van de berg.

Voor huidige lezers is die economische geschiedenis belangrijk, omdat zij helpt verklaren waarom Redován vandaag een gemengd profiel heeft. De gemeente is nog altijd verbonden met landbouw en de Vega Baja, maar bewoners werken ook in bouw, diensten, handel, onderwijs, zorg en omliggende steden. Het verleden van landbouw en ambacht is dus niet verdwenen, maar opgenomen in een moderne regionale economie.

Moeilijke twintigste eeuw

De twintigste eeuw bracht, net als in de rest van Spanje, jaren van verandering, spanning en herstel. Ook Redován werd geraakt door de onrust van de tijd, waaronder de gevolgen van de Spaanse Burgeroorlog en de moeilijke periode daarna. Voor een dorp als Redován betekende dat niet alleen politieke spanning, maar ook sociale en economische druk. Families kregen het zwaar, het dagelijkse leven werd soberder en vooruitgang ging niet vanzelf.

Redován in de periode van groei, herstel en moderniseringOok de kerkelijke geschiedenis werd geraakt. In augustus 1936 werd de kerk van San Miguel Arcángel geplunderd en gingen altaren, beelden en religieuze objecten verloren. Na de oorlog werd de kerk ingrijpend hersteld en opnieuw ingericht. Zulke gebeurtenissen maken duidelijk dat de geschiedenis van Redován niet alleen bestaat uit rustige groei, maar ook uit breuken, verlies en herstel. Voor oudere generaties bleef die periode vaak lang doorwerken in familieverhalen en dorpsherinneringen.

Toch bleef Redován, zoals zoveel dorpen in de streek, overeind dankzij een sterke sociale basis. Familiebanden, religieuze tradities en de verbondenheid met de plaats zelf hielpen de gemeenschap door moeilijke fasen heen. In de tweede helft van de eeuw begon het dorp geleidelijk te groeien en te veranderen. De infrastructuur verbeterde, huizen werden vernieuwd en de samenleving werd iets minder uitsluitend landelijk van karakter. Zoals in veel dorpen van het zuiden van Spanje speelde ook emigratie en tijdelijk werk elders een rol. Inkomsten van buiten het dorp hielpen vaak mee aan de verbetering van woningen en levensomstandigheden.

Moderne gemeente

In de loop van de laatste decennia is Redován uitgegroeid tot een zelfstandige en levendige gemeente met meer voorzieningen, meer woonfunctie en een bredere economie dan vroeger. De landbouw is nog altijd belangrijk voor het karakter van de plaats, maar niet meer de enige pijler. Handel, bouw, lokale diensten en regionale werkgelegenheid spelen inmiddels ook een duidelijke rol. De nabijheid van Orihuela en andere gemeenten in de Vega Baja heeft daarbij geholpen.

Dat zie je ook terug in de ruimtelijke ontwikkeling van het dorp. De oude kern bestaat nog altijd, maar wordt aangevuld door nieuwere woonstraten, gemeentelijke voorzieningen en plekken waar het moderne dorpsleven zich afspeelt. Redován is daarmee niet blijven steken in nostalgie. Het is een plaats die vooruit is gegaan, zonder haar ligging, tradities en gemeenschapsgevoel te verliezen. Voor mensen die nadenken over wonen in de Vega Baja is dat belangrijk. Redován heeft een dorps karakter, maar functioneert wel als moderne gemeente.

Ook de berg heeft een nieuwe rol gekregen. Waar de Sierra vroeger vooral een natuurlijke rand en bron van identiteit was, is zij tegenwoordig ook belangrijk voor natuurbeleving, wandelen en actief toerisme. De bekende vía ferrata van Redován heeft de gemeente extra zichtbaarheid gegeven bij sportieve bezoekers. Dat past bij de bredere ontwikkeling van veel dorpen in Alicante: geschiedenis, landschap en recreatie gaan steeds vaker samen.

Tradities blijven leven

Wat de geschiedenis van Redován extra zichtbaar maakt, is dat een deel van het verleden nog steeds in het heden voortleeft. Dat geldt niet alleen voor de feesten van de patroonheiligen, maar ook voor tradities zoals de Cantos de Auroros. Auroros zijn traditionele religieuze zanggroepen die in de Vega Baja bij vroege ochtendzang, devotie en volkscultuur horen. In Redován hebben zij een bijzondere plaats binnen de lokale identiteit.

De Auroros van Redován zijn geen toeristisch decor, maar een levende traditie. Ze verbinden muziek, geloof, lokale taal, ritme en gemeenschapsgevoel. Voor buitenstaanders is dat misschien minder direct zichtbaar dan een kerk, een paleis of een bergroute, maar juist zulke immateriële tradities vertellen veel over een dorp. Ze laten zien dat geschiedenis niet alleen in archieven leeft, maar ook in stemmen, rituelen en momenten waarop bewoners samenkomen.

Voor bezoekers en nieuwe bewoners geeft dat Redován iets tastbaars. Je merkt dat dit dorp niet alleen gebouwd is op stenen en straten, maar ook op gewoonten die van generatie op generatie zijn doorgegeven. Juist daardoor voelt de geschiedenis van Redován niet abstract, maar dichtbij. Het verleden loopt mee in de feesten, in de muziek, in de kerkelijke kalender en in de manier waarop mensen over hun dorp spreken.

Verleden blijft zichtbaar

Vandaag is Redován een gemeente met een open blik en een duidelijke eigen identiteit. Toch loopt het verleden hier nog overal mee. In de ligging aan de voet van de Sierra de Callosa, in de landbouwgronden van de Vega Baja, in de kerk, in het Palacio, in de feesten en in de herinnering van families die hier al lang wonen. De geschiedenis van Redován is geen verhaal van grote koninklijke pracht of spectaculaire monumenten, maar van volharding, aanpassing en verbondenheid.

En misschien is dat precies wat het dorp zo bijzonder maakt. Redován heeft zich niet telkens opnieuw uitgevonden door zijn oorsprong los te laten, maar juist door daarop voort te bouwen. Daardoor is het vandaag een plaats waar verleden en heden niet met elkaar botsen, maar elkaar aanvullen. Voor wie de provincie Alicante beter wil begrijpen buiten de kust, is Redován dan ook een dorp waar geschiedenis nog echt voelbaar is.

Het verhaal van Redován laat zien hoe een kleine plaats aan de rand van een berg kan uitgroeien tot een zelfstandige gemeente met een eigen gezicht. Arabische naamsporen, middeleeuwse heren, de Santángel-familie, dominicanen, landbouw, kerk, negentiende-eeuwse hervormingen en moderne groei vormen samen één doorlopende lijn. Wie vandaag door Redován loopt, kijkt dus niet alleen naar een dorp in de Vega Baja, maar naar een landschap waarin vele eeuwen nog altijd aanwezig zijn.

Bronnen: Ayuntamiento de Redován, Camino del Cid, Manu Serran, Comunitat Valenciana, GVA/INE en Mijn Alicante.

Dit artikel is voor het laatst bijgewerkt op 28 juni 2026