Geschiedenis Castell de Castells

Achtduizend jaar geschiedenis

Straatbeeld van Castell de Castells in de Marina AltaWie door de smalle straatjes van Castell de Castells wandelt, loopt door een dorp waarvan de geschiedenis veel verder teruggaat dan de huizen en straten doen vermoeden. Het bergdorp in de Marina Alta, in de provincie Alicante, ligt in een gebied waar mensen al ongeveer achtduizend jaar geleden sporen achterlieten. De bekendste daarvan zijn de prehistorische rotsschilderingen van Pla de Petracos. De geschreven geschiedenis van Castell de Castells begint echter veel later, vooral vanaf de dertiende eeuw, wanneer het gebied verschijnt in documenten rond de christelijke verovering en de islamitische leider al-Azraq.

De naam Castell de Castells is nauw verbonden met het kasteel van Serrella, een middeleeuwse bergvesting die hoog boven het landschap lag. Vanuit deze moeilijk bereikbare positie konden de omliggende valleien worden gecontroleerd. Het huidige dorp ontwikkelde zich niet op de plaats van het kasteel zelf, maar in het gebied van een van de islamitische nederzettingen die onder bescherming van deze versterking lagen.

De geschiedenis van Castell de Castells vertelt daardoor niet alleen het verhaal van één klein dorp. In het landschap komen verschillende grote perioden uit de geschiedenis van Alicante samen: de eerste landbouwgemeenschappen van het Neolithicum, prehistorische rotskunst, eeuwen van islamitische bewoning, de strijd rond de christelijke verovering, de opstanden van al-Azraq, de aanwezigheid van mudéjaren en Morisken, de uitwijzing van 1609, de herbevolking vanuit Mallorca en eeuwen van landbouw op de berghellingen.

Juist doordat Castell de Castells nooit uitgroeide tot een grote stad, zijn veel oude patronen in het landschap herkenbaar gebleven. Terrassen, oude paden, bronnen, voormalige nederzettingsplaatsen en de resten van het kasteel vertellen samen een geschiedenis die je niet alleen in boeken terugvindt, maar ook tijdens een wandeling door de omgeving kunt ervaren.

Pla de Petracos als beginpunt

Lang voordat het huidige Castell de Castells ontstond, leefden en trokken mensen door deze valleien en bergen. Het duidelijkste bewijs daarvan bevindt zich bij het Pla de Petracos, in de omgeving van het Barranc de Malafí. De rotsschilderingen die daar zijn aangetroffen behoren tot de belangrijkste voorbeelden van prehistorische kunst in de provincie Alicante en geven Castell de Castells een plaats in een geschiedenis die duizenden jaren ouder is dan de eerste geschreven documenten over het dorp.

De schilderingen werden in juli 1980 ontdekt door Pere Ferrer en Enrique Catalá van het Centre d'Estudis Contestans. Archeoloog Mauro Hernández van de Universiteit van Alicante onderzocht het complex vervolgens verder. In 1982 werden de vondsten tijdens een wetenschappelijk congres over schematische rotskunst in Salamanca aan de archeologische wereld gepresenteerd. De ontdekking speelde een belangrijke rol bij het herkennen en bestuderen van een kunstvorm die tegenwoordig bekendstaat als macro-schematische kunst.

Het complex van Pla de Petracos bestaat uit acht rotsschuilplaatsen. In vijf daarvan zijn nog schilderingen zichtbaar. Vier bevatten macro-schematische voorstellingen uit het vroege Neolithicum en een andere rotsschuilplaats bevat een voorbeeld van de chronologisch latere Levantijnse rotskunst. Vooral de grote menselijke figuren met opgeheven armen, de zogenoemde oranten, zijn opvallend. Een orant is eenvoudig gezegd een menselijke figuur in een houding die als biddend of ritueel wordt geïnterpreteerd.

De macro-schematische schilderingen worden verbonden met de eerste landbouwers en veehouders die zich ongeveer achtduizend jaar geleden in dit deel van het Iberisch Schiereiland vestigden. Daarmee is het niet helemaal juist om Pla de Petracos uitsluitend te koppelen aan rondtrekkende jagers en verzamelaars. Het belangrijkste deel van de kunst hoort juist bij een periode waarin landbouw, veeteelt en meer permanente gemeenschappen hun intrede deden.

Archeologen beschouwen Pla de Petracos als een plaats van ontmoeting en ritueel. De exacte betekenis van iedere afbeelding kunnen we na duizenden jaren niet meer met zekerheid achterhalen, maar de positie van de schilderingen, de herhaling van menselijke vormen en de bijzondere ligging wijzen erop dat dit meer was dan een plek waar iemand toevallig een afbeelding op een rotswand aanbracht.

Sinds 1998 behoort Pla de Petracos tot het UNESCO-werelderfgoed Rotskunst van het Middellandse-Zeegebied op het Iberisch Schiereiland. Die inschrijving omvat honderden prehistorische vindplaatsen verspreid over het oosten van Spanje. Voor een gemeente van de omvang van Castell de Castells is het bijzonder dat zich binnen de gemeentegrenzen een erfgoedlocatie van deze internationale betekenis bevindt.

Pla de Petracos is bovendien niet de enige plaats met prehistorische rotskunst binnen het gemeentelijke grondgebied. In de omgeving zijn meerdere beschilderde rotsschuilplaatsen bekend. Dat laat zien dat de bergen rond Castell de Castells gedurende een zeer lange periode betekenis hadden voor de mensen die hier leefden en rondtrokken.

Van Iberiërs tot Romeinse tijd

De duizenden jaren tussen de vroege prehistorie van Pla de Petracos en de goed gedocumenteerde middeleeuwse geschiedenis zijn minder eenvoudig te beschrijven. In het bergachtige gebied van Castell de Castells zijn verschillende archeologische vindplaatsen bekend, maar dat betekent niet automatisch dat op de plaats van het huidige dorp tijdens iedere periode een grote nederzetting heeft bestaan.Berglandschap rond Castell de Castells in de Marina Alta

In de eeuwen voor onze jaartelling werd het oosten van het Iberisch Schiereiland bewoond door verschillende Iberische gemeenschappen. Zij kozen voor hun nederzettingen vaak strategische hoogten van waaruit valleien, landbouwgrond en verbindingsroutes konden worden overzien. Ook in de berggebieden rond Castell de Castells zijn archeologische locaties geïnventariseerd die duidelijk maken dat het landschap in de oudheid niet leeg was.

De valleien en ravijnen functioneerden al vroeg als natuurlijke routes door het berglandschap. Dat is goed voorstelbaar in een gebied waar hoge bergketens verplaatsingen sterk sturen. Het latere stroomgebied van de Xaló of Gorgos vormt bijvoorbeeld een natuurlijke verbinding vanuit Castell de Castells richting de Marina Alta en uiteindelijk de kust bij Jávea. Zulke routes waren belangrijk voor contact tussen gemeenschappen, uitwisseling van producten en het verplaatsen van vee.

Ook de Romeinse invloed bereikte uiteindelijk het binnenland van de huidige provincie Alicante. Aan de kust en rond grotere nederzettingen is die aanwezigheid veel duidelijker aantoonbaar dan in Castell de Castells. Dianium, het huidige Dénia, groeide bijvoorbeeld uit tot een belangrijke Romeinse plaats, maar voor Castell de Castells zelf is het bewijs voor een omvangrijke Romeinse nederzetting veel beperkter.

Daarom is voorzichtigheid nodig bij het dateren van zichtbare elementen in het huidige landschap. Oude terrassen, stenen muren en waterstructuren kunnen eeuwenlang zijn aangepast, herbouwd en opnieuw gebruikt. Het is niet verantwoord om dergelijke structuren zonder archeologisch onderzoek rechtstreeks aan de Romeinen toe te schrijven. Wat wel duidelijk is, is dat het gebied deel uitmaakte van een bredere mediterrane wereld waarin landbouw, handel en regionale verbindingen tijdens de Romeinse periode veranderden.

Het beeld van Castell de Castells in de oudheid is daardoor eerder dat van een langdurig gebruikt berglandschap dan van een grote Romeinse of Iberische stad. Mensen maakten gebruik van de valleien, landbouwgrond, natuurlijke waterbronnen en doorgangen, maar de historische bronnen worden pas vanaf de middeleeuwen werkelijk gedetailleerd.

Islamitische tijd vormde het landschap

Vanaf de achtste eeuw maakte het gebied deel uit van al-Andalus, de door moslims bestuurde delen van het Iberisch Schiereiland. Deze periode heeft grote invloed gehad op het landschap en de bewoningsstructuur van de Marina Alta. In plaats van één grote plaats bestond het gebied rond het latere Castell de Castells uit verschillende kleine landelijke nederzettingen, die in het Spaans vaak alquerías worden genoemd. Een alquería was een kleine agrarische woonkern, vaak bestaande uit een aantal families met hun landbouwgrond en watervoorziening.

Onder het kasteel van Serrella lagen verschillende islamitische nederzettingen. Historische bronnen noemen onder meer Aialt, Bitla, dat ook als Vila wordt vermeld, en l'Alcúdia de Castell. Uit die laatste woonkern ontwikkelde zich uiteindelijk het huidige Castell de Castells. Petracos wordt in sommige beschrijvingen eveneens als nederzettingsplaats genoemd, al lijkt die woonkern volgens regionale historische bronnen van een latere datum te zijn.

Landbouw was essentieel voor het bestaan van deze gemeenschappen. In de islamitische wereld was veel kennis aanwezig over het benutten en verdelen van schaars water, het aanpassen van hellingen en het combineren van verschillende landbouwgewassen. Ook in de Marina Alta werden bronnen, kleine waterlopen, irrigatievoorzieningen en terrassen gebruikt om het bergachtige landschap zo productief mogelijk te maken.

Dat betekent overigens niet dat iedere stenen terrasmuur of ieder oud waterkanaal dat tegenwoordig rond Castell de Castells zichtbaar is rechtstreeks uit de islamitische periode dateert. Veel structuren zijn door opeenvolgende generaties onderhouden, vernieuwd en veranderd. De manier waarop het landschap werd gebruikt heeft echter duidelijke wortels in de agrarische samenleving die zich hier in de middeleeuwen ontwikkelde.

Na de christelijke verovering verdwenen de islamitische inwoners niet onmiddellijk. Veel moslims bleven in hun dorpen wonen onder christelijk bestuur. Zij worden in historische teksten mudéjaren genoemd. Dat woord duidt op moslims die in een door christelijke machthebbers bestuurd gebied bleven wonen en hun religie aanvankelijk konden behouden.

Later werden deze gemeenschappen gedwongen zich tot het christendom te bekeren. Vanaf dat moment spreken historici over Morisken: mensen van islamitische afkomst die officieel christen waren geworden, maar vaak veel van hun taal, familietradities en gebruiken bleven behouden. Voor Castell de Castells is juist deze overgang van islamitische gemeenschap naar moriscogemeenschap van groot belang.

Al-Azraq en kasteel van Serrella

De dertiende eeuw vormt een beslissend hoofdstuk in de geschiedenis van Castell de Castells. De christelijke verovering van het koninkrijk Valencia verliep in dit bergachtige gebied niet als één snelle militaire operatie. Koning Jaume I beschikte niet over voldoende kolonisten om overal onmiddellijk de bestaande bevolking te vervangen. Daarom werden naast militaire veroveringen ook verdragen gesloten met plaatselijke islamitische machthebbers.

Een van de belangrijkste personen uit deze periode was al-Azraq, een islamitische leider die grote delen van het bergachtige binnenland van het huidige Alicante beheerste. Zijn naam betekent ongeveer 'de Blauwe', waarschijnlijk een verwijzing naar zijn opvallende blauwe ogen. Hij beheerste een netwerk van kastelen en nederzettingen en werd een van de belangrijkste tegenstanders van Jaume I in het zuiden van het nieuwe koninkrijk Valencia.

Castell de Castells verschijnt voor het eerst duidelijk in geschreven bronnen in verband met het Pact van Pouet uit 1245. In dit tweetalige verdrag tussen de christelijke machthebbers en al-Azraq worden afspraken gemaakt over verschillende kastelen in de regio. Castell de Castells verschijnt daarbij als Castiel in de Romaanse tekst en als Qastal in het Arabisch.

Centraal in de lokale geschiedenis staat het kasteel van Serrella, ook bekend als Castell de Serrella. De resten liggen op ongeveer 1.050 meter hoogte op de Penya del Castellet, een rotsachtige positie boven de valleien van Castells en Guadalest. Het was geen comfortabel paleis, maar een strategische bergvesting van waaruit belangrijke doorgangen konden worden bewaakt.

Volgens regionale historische bronnen werd de versterking in het Pact van Pouet tijdelijk aan al-Azraq gelaten. Enkele jaren later veranderde de machtsverhouding opnieuw. Rond 1250 kwam het kasteel in handen van Jaume I en in de daaropvolgende jaren werd het gebied steeds steviger opgenomen in de Kroon van Aragón. De geschiedenis bleef echter onrustig. Al-Azraq leidde meerdere opstanden tegen de christelijke macht en de strijd in het bergachtige zuiden van het koninkrijk Valencia duurde nog tientallen jaren.

Al-Azraq kwam in april 1276 om het leven tijdens een aanval op Alcoy. Daarmee verdween een van de belangrijkste leiders van het islamitische verzet, maar de moslimbevolking in de valleien verdween niet onmiddellijk. Veel families bleven nog eeuwen in het gebied wonen.

Van het kasteel van Serrella resteert tegenwoordig geen compleet bouwwerk meer. Er zijn delen van muren, een waterreservoir of aljibe en resten van torens herkenbaar. Een aljibe is een ondergrondse of deels ingegraven wateropslag, essentieel voor een versterking die zo hoog en afgelegen lag. De beperkte resten maken duidelijk dat de naam 'kasteel' geen verwijzing is naar een groot gerestaureerd fort zoals bezoekers dat bijvoorbeeld in Guadalest of Alicante aantreffen.

Het kasteel verloor na de christelijke verovering betrekkelijk snel een groot deel van zijn militaire betekenis. Toch bleef de herinnering eraan zo belangrijk dat de nederzetting eronder bekend bleef als Castell de Serrella en uiteindelijk Castell de Castells. Daarmee leeft het middeleeuwse kasteel zelfs in de huidige gemeentenaam voort.

Uitwijzing en herbevolking in 1609

Na de dertiende-eeuwse verovering volgden eeuwen waarin de voormalige islamitische bevolking en de nieuwe christelijke machthebbers naast elkaar leefden, zij het bepaald niet altijd op gelijke voet. Religieuze druk nam toe en uiteindelijk werden moslims gedwongen zich officieel tot het christendom te bekeren. Daarmee ontstond de grote moriscogemeenschap die ook in Castell de Castells lange tijd een belangrijk deel van de bevolking vormde.

Een inkijkje in de omvang van de bewoning geeft een overzicht uit 1574. In die periode telde l'Alcúdia, de kern waaruit het huidige Castell de Castells groeide, volgens regionale historische gegevens 35 huizen. In Aialt werden er 30 vermeld en in Vila of Bitla acht. De woonkernen werden toen voornamelijk door Morisken bewoond.

In 1609 nam koning Filips III het besluit om de Morisken uit Spanje te verdrijven. Vooral het koninkrijk Valencia werd hierdoor zwaar getroffen, omdat in tal van valleien en bergdorpen een groot deel van de bevolking van morisco-afkomst was. Voor Castell de Castells was de uitwijzing geen administratieve gebeurtenis die zonder verzet verliep.

Volgens de regionale geschiedenis telde de moriscogemeenschap van Castell de Castells rond de uitwijzing ongeveer 170 huizen. De Morisken uit de omgeving verzetten zich gewapend tegen hun verdrijving. Bij Pla de Petracos vond een van de laatste confrontaties plaats. Tijdens het geweld werd ook de kerk verwoest. Uiteindelijk werd het verzet gebroken en werden de Morisken verdreven.

De gevolgen waren enorm. Families die al generaties lang in de valleien leefden verdwenen, huizen kwamen leeg te staan en landbouwgrond verloor de mensen die precies wisten hoe bronnen, terrassen en akkers moesten worden onderhouden. In grote delen van de Marina Alta leidde de uitwijzing tot een plotselinge demografische en economische breuk.

Daarna moest de streek opnieuw worden bevolkt. Voor Castell de Castells waren kolonisten van de Balearen, en vooral van Mallorca, bijzonder belangrijk. Christelijke families uit Mallorca vestigden zich in de verlaten of sterk ontvolkte woonkernen en begonnen het land opnieuw te bewerken. Dat was geen kleine voetnoot in de geschiedenis: de Mallorcaanse herbevolking heeft in verschillende dorpen van de Marina Alta blijvende sporen achtergelaten in familienamen, taalgebruik, gebruiken en lokale cultuur.

MACMA noemt bij Castell de Castells bijvoorbeeld familienamen als Estalrich, Mesquida, Pasqual en Tomb als aanwijzingen voor die Mallorcaanse herkomst. De herbevolking na 1609 vormt daarmee een belangrijke schakel tussen het middeleeuwse Castell de Castells en de dorpsgemeenschap die zich in de eeuwen daarna ontwikkelde.

Voor Nederlandse en Belgische lezers helpt dit ook om het huidige taalgebruik in de streek beter te begrijpen. Naast Spaans wordt in Castell de Castells Valenciaans gesproken. De taal van verschillende delen van de Marina Alta heeft historische overeenkomsten met het Catalaans van de Balearen, mede door de migratiebewegingen die na de uitwijzing van de Morisken plaatsvonden.

Landbouw als levensader

Landbouwterrassen in het berglandschap rond Castell de CastellsNa de grote omwentelingen van de middeleeuwen en de zeventiende eeuw bleef landbouw eeuwenlang de levensader van Castell de Castells. Het landschap liet weinig ruimte voor grote vlakke akkers. Bewoners moesten zich aanpassen aan steile hellingen, rotsachtige bodem, beperkte neerslag en grote verschillen tussen warme zomers en koelere winters.

Daarom werden hellingen omgevormd tot landbouwterrassen, ondersteund door droge stenen muren. Op die kleine percelen konden gewassen worden verbouwd zonder dat de vruchtbare bovenlaag bij iedere stevige regenbui naar beneden spoelde. Het enorme netwerk van terrassen dat in de bergen zichtbaar is, vertegenwoordigt generaties aan handarbeid.

Amandelen, olijven en johannesbrood behoren traditioneel tot de belangrijkste droge landbouwproducten van Castell de Castells. Daarnaast speelden in verschillende perioden ook granen, druiven, groenten en veeteelt een rol in het bestaan van gezinnen. Wat precies werd verbouwd hing af van de beschikbaarheid van water, de ligging van een perceel en de economische omstandigheden van dat moment.

Het leven volgde het ritme van de seizoenen. Snoeien, zaaien, oogsten, amandelen verzamelen, olijven plukken en producten bewaren waren geen folkloristische activiteiten, maar noodzakelijk werk waarvan het inkomen en voedsel van gezinnen afhing. Wanneer een oogst mislukte door droogte, vorst of ziekte had dat directe gevolgen.

Water speelde daarbij een hoofdrol. Bronnen en natuurlijke waterlopen moesten zorgvuldig worden benut. Bewoners legden kleine voorzieningen aan om water naar akkers en dieren te brengen en om het voor huishoudelijk gebruik beschikbaar te maken. Sommige daarvan zijn in latere eeuwen vernieuwd of vervangen, maar het landschap laat nog altijd zien hoe belangrijk waterbeheer voor het bestaan in de bergen was.

Ook tegenwoordig is de agrarische geschiedenis niet helemaal verdwenen. Rond Castell de Castells zijn nog steeds amandel-, olijf- en johannesbroodbomen te zien. De lokale olieproductie en de traditie van gezamenlijk verwerken van olijven herinneren aan een economie waarin bewoners veel sterker dan tegenwoordig van de directe omgeving afhankelijk waren.

Voor hedendaagse wandelaars zijn de terrassen vooral mooi om te zien. Historisch zijn ze veel meer dan dat. Ze vormen een soort archief in het landschap: iedere muur vertelt iets over de inspanning die nodig was om in deze bergen landbouw mogelijk te maken.

Negentiende eeuw verandert dorpsleven

De negentiende eeuw bracht geleidelijke veranderingen in het leven van landelijke gemeenschappen in Spanje. Nationale politieke conflicten, economische hervormingen, veranderingen in grondbezit en de langzaam verbeterende verbindingen tussen dorpen en steden werkten uiteindelijk ook door in afgelegen gebieden zoals Castell de Castells.

De afstand tot grotere steden bleef echter aanzienlijk. Voor veel gezinnen bleef landbouw de belangrijkste bron van inkomsten en het dagelijks leven veranderde langzamer dan in de groeiende steden aan de kust en in industriële centra zoals Alcoy. Vervoer verliep over bergwegen en paden en veel producten werden lokaal geproduceerd, verwerkt of geruild.

De landbouw was kwetsbaar. Droogte, slechte oogsten en veranderende marktprijzen konden gezinnen zwaar treffen. Kleine percelen moesten bovendien vaak tussen erfgenamen worden verdeeld, waardoor het steeds moeilijker kon worden om een volledig inkomen uit de grond te halen. De zoektocht naar werk buiten het dorp werd daardoor voor meer inwoners aantrekkelijk.

Zoals in veel berggebieden van de huidige provincie Alicante ontstond langzaam een beweging richting grotere plaatsen en economische centra. Dat proces verliep niet in één keer en niet iedere familie vertrok, maar de aantrekkingskracht van steden en later ook het buitenland begon het eeuwenoude patroon waarin vrijwel iedereen van de lokale landbouw leefde te veranderen.

Toch bleven lokale gebruiken sterk. Kerkelijke feesten, familiebanden, landbouwkalenders en onderlinge hulp waren belangrijk in een gemeenschap waar bewoners elkaar nodig hadden. Veel tradities die tegenwoordig als cultureel erfgoed worden gekoesterd, waren in die periode simpelweg onderdeel van het gewone dagelijkse leven.

Twintigste eeuw en bevolkingsdaling

Historische bebouwing en berglandschap bij Castell de CastellsIn de twintigste eeuw werd het verschil tussen de traditionele economie van Castell de Castells en de snel veranderende wereld daarbuiten steeds groter. Landbouw bleef belangrijk, maar bood niet langer voor iedere nieuwe generatie voldoende perspectief. Jongeren vonden werk in grotere plaatsen, aan de kust of in industriële gebieden en keerden niet altijd terug.

De Spaanse Burgeroorlog van 1936 tot 1939 en de moeilijke naoorlogse periode lieten ook in kleine dorpen hun sporen na. Castell de Castells lag niet in het centrum van de grote stedelijke veldslagen, maar tekorten, politieke tegenstellingen, economische beperkingen en de moeilijke omstandigheden van de eerste jaren van de dictatuur waren ook in het binnenland voelbaar.

De modernisering kwam vervolgens stap voor stap. Wegen werden verbeterd, vervoer werd gemakkelijker en voorzieningen die tegenwoordig vanzelfsprekend lijken bereikten ook de kleine bergdorpen. Elektriciteit, betere watervoorzieningen, gemotoriseerd vervoer, onderwijs en later telefoonverbindingen veranderden het dagelijks leven ingrijpend.

Tegelijkertijd trok de spectaculaire economische groei van de Spaanse kust vanaf de jaren zestig steeds meer arbeidskrachten aan. Toerisme zorgde in plaatsen als Benidorm, Calpe, Dénia en andere kustgemeenten voor banen die in een klein landbouwdorp moeilijk te vinden waren. De traditionele trek uit het binnenland kreeg daarmee een nieuwe impuls.

Castell de Castells verloor in deze periode een deel van zijn bevolking, zoals bij veel kleine gemeenten in het bergachtige binnenland gebeurde. Huizen die ooit voor grote gezinnen waren gebouwd kwamen leeg te staan of werden later gebruikt als tweede woning. Landbouwterrassen die niet langer rendabel waren werden verlaten en begonnen langzaam weer door natuurlijke vegetatie te worden overgenomen.

Wat vroeger vooral als nadeel werd gezien, de afgelegen ligging, kreeg tegen het einde van de twintigste eeuw ook een andere betekenis. Wandelaars, natuurliefhebbers en bezoekers uit de drukker wordende kustgebieden ontdekten de stilte van de bergen. Oude dorpshuizen werden opgeknapt, plattelandstoerisme kreeg meer belangstelling en het historische landschap werd steeds vaker gezien als iets dat behouden moest worden.

Pla de Petracos krijgt erkenning

Een beslissend moment in die herwaardering kwam in 1980 met de ontdekking van de schilderingen van Pla de Petracos. Wat voorheen vooral een afgelegen berglandschap was, bleek een archeologische vindplaats van uitzonderlijke betekenis te bevatten. De wetenschappelijke aandacht die daarop volgde veranderde ook de manier waarop naar het verleden van Castell de Castells werd gekeken.

De ontdekking droeg bij aan de studie van de macro-schematische rotskunst in het oosten van Spanje. De kunst is nauw verbonden met de komst van landbouw en veeteelt in het midden van het zesde millennium voor Christus. Daardoor vertelt Pla de Petracos niet alleen iets over kunst, maar ook over een van de grootste veranderingen in de menselijke geschiedenis: de overgang naar een samenleving waarin mensen voedsel gingen produceren en zich langduriger op één plaats vestigden.

In 1998 werd de mediterrane rotskunst van het Iberisch Schiereiland door UNESCO op de Werelderfgoedlijst geplaatst. Pla de Petracos behoort tot dit uitgestrekte erfgoed. In hetzelfde tijdvak werden voorzieningen aangebracht om bezoekers de schilderingen te laten bekijken zonder de kwetsbare rotskunst te beschadigen.

In 2003 opende in Castell de Castells een interpretatiecentrum voor de macro-schematische rotskunst. Daar kunnen bezoekers meer leren over de prehistorische bewoners, hun leefwijze en de betekenis van de schilderingen voordat zij het landschap zelf bezoeken. De presentatie werd later verder vernieuwd en uitgebreid met audiovisuele middelen en replica's van voorwerpen die een beeld geven van de eerste landbouwers en veehouders.

Daarmee kreeg Castell de Castells iets bijzonders: een directe verbinding tussen een klein hedendaags bergdorp en een internationaal erkend hoofdstuk uit de Europese prehistorie. Voor inwoners betekende dit bovendien een nieuwe reden om het historische landschap niet alleen als landbouwgrond of natuur te bekijken, maar als cultureel erfgoed.

Pla de Petracos speelt tegenwoordig een belangrijke rol bij het toerisme in Castell de Castells. Mensen die zoeken naar UNESCO-werelderfgoed in Alicante, prehistorische rotsschilderingen aan de Costa Blanca, archeologische bezienswaardigheden in Spanje of bijzondere dagtrips vanuit de kustplaatsen komen hierdoor bij een dorp terecht dat anders gemakkelijk buiten de bekende toeristische routes zou blijven.

Het dorp draagt geschiedenis verder

Tegenwoordig is Castell de Castells geen openluchtmuseum, maar een levend bergdorp waarin de verschillende perioden uit het verleden naast elkaar zichtbaar zijn. De middeleeuwse woonstructuur, de kerk van Santa Ana, de landbouwterrassen, oude bronnen, paden, plaatsnamen en de resten van verlaten nederzettingen herinneren aan generaties die hier voor de huidige bewoners leefden.

De geschiedenis leeft ook voort in familienamen, feesten, lokale gerechten en taal. De Mallorcaanse herbevolking na 1609, eeuwen van droge landbouw en de relatieve afzondering tussen de bergen hebben samen bijgedragen aan een lokale identiteit die duidelijk verschilt van die van de toeristische kustplaatsen.

Wie nu door Castell de Castells wandelt, ziet daardoor een dorp waarin verschillende lagen over elkaar heen liggen. De prehistorische mens liet schilderingen achter in de rotsschuilplaatsen. Islamitische gemeenschappen bouwden kleine nederzettingen en gebruikten het landschap voor landbouw. Al-Azraq en Jaume I streden om de controle over de kastelen. Morisken verzetten zich tegen hun verdrijving en Mallorcaanse families begonnen daarna opnieuw aan de opbouw van de gemeenschap.

Eeuwen later veranderden mechanisatie, betere wegen en toerisme opnieuw de omstandigheden. De landbouw werd minder dominant, bewoners kregen toegang tot de buitenwereld en huizen werden aantrekkelijk voor mensen die juist de stilte en de afgelegen ligging waarderen. Zo veranderde Castell de Castells opnieuw zonder zijn verleden helemaal kwijt te raken.

Ook voor Nederlanders en Belgen die nadenken over wonen in Alicante, verhuizen naar Spanje of emigreren naar Alicante is deze geschiedenis relevant. Wie voor Castell de Castells kiest, kiest niet voor een nieuw aangelegde woonwijk aan de kust, maar voor een kleine gemeenschap met eeuwenoude tradities en een landschap dat door duizenden jaren menselijke aanwezigheid is gevormd.

Dat vraagt ook iets van nieuwe bewoners. Spaans leren, belangstelling tonen voor lokale tradities en begrijpen waarom bepaalde feesten, namen en gebruiken belangrijk zijn, helpt om werkelijk onderdeel te worden van het dorp. De geschiedenis is hier geen los toeristisch verhaal, maar een belangrijk deel van de identiteit van Castell de Castells.

Voor bezoekers maakt juist die combinatie de plaats bijzonder. Binnen één dag kun je door het dorp wandelen, naar de resten van middeleeuwse bewoning kijken en enkele kilometers verder voor rotswanden staan waarop ongeveer achtduizend jaar geleden al mensen hun ideeën en overtuigingen vastlegden. Er zijn weinig plekken in de provincie Alicante waar zoveel geschiedenis in zo'n rustig landschap samenkomt.

Meer over Castell de Castells

Wie zich verder wil verdiepen in dit bergdorp kan op MijnAlicante.nl ook lezen over de ligging en bekendheid van Castell de Castells, de natuur rond Castell de Castells, bezienswaardigheden en uitstapjes in Castell de Castells en wonen in Castell de Castells. Samen geven deze artikelen een uitgebreid beeld van het dorp, de geschiedenis, het landschap, de natuur en het dagelijkse leven in dit stille deel van de Marina Alta.

Wie Castell de Castells bezoekt nadat hij de geschiedenis kent, kijkt waarschijnlijk anders naar het landschap. Een verlaten terras is dan niet alleen een stenen muur op een helling, een plaatsnaam is niet zomaar een naam en de ruïne hoog op de Penya del Castellet is meer dan een verzameling oude stenen. Ze horen allemaal bij een verhaal dat zich uitstrekt van de eerste landbouwers van Pla de Petracos tot de kleine berggemeenschap die Castell de Castells vandaag nog altijd is.

Dit artikel is voor het laatst bijgewerkt op 13 augustus 2026.