Wie door de straten van Ibi dwaalt, voelt het verleden bijna tastbaar in de lucht hangen. Deze plaats in het hart van de provincie Alicante, aan de rand van de bergwereld van l’Alcoià, heeft een rijke en gelaagde geschiedenis. Het is een verhaal van landbouw, ambacht, industrie en een gemeenschap die zich telkens opnieuw wist uit te vinden. Ibi staat vandaag vooral bekend als speelgoedstad, maar dat beeld is slechts één laag van een veel oudere geschiedenis die nauw verweven is met het binnenland van Alicante en de ontwikkeling van deze streek door de eeuwen heen.
Hoewel de omgeving van Ibi al veel langer door mensen werd gebruikt, begint de beter traceerbare geschiedenis van de plaats niet met een groot Romeins stadsverhaal, maar eerder met een geleidelijke ontwikkeling van bewoning en gebruik van het landschap. De streek lag tussen routes en berggebieden die belangrijk waren voor landbouw, veeteelt en verplaatsing, maar Ibi was in de oudheid geen grote stad of monumentale nederzetting van het type dat je elders in Spanje aantreft. Juist dat maakt de geschiedenis van Ibi anders. Het gaat hier minder om één spectaculair beginpunt en meer om een plaats die langzaam gevormd werd door ligging, klimaat en menselijke volharding.
In de middeleeuwen kwam de streek sterker in beeld als agrarisch gebied. Tijdens de islamitische periode maakte deze omgeving deel uit van een bredere wereld waarin waterbeheer, landbouw en kleine nederzettingen van groot belang waren. Ook rond Ibi speelde dat mee. Het bergachtige terrein vroeg om aanpassing, kennis van het landschap en slim gebruik van water. Hoewel niet alles uit die periode nog even duidelijk zichtbaar is, maakte ook dit gebied deel uit van het Andalusische verleden van het huidige binnenland van Alicante. Dat verleden liet sporen na in de manier waarop grond werd benut en hoe gemeenschappen zich in deze streek organiseerden.
De overgang naar christelijk bestuur kwam in deze regio pas in de dertiende eeuw, toen het gebied in de sfeer van de veroveringen van Jaume I en de opbouw van het koninkrijk Valencia terechtkwam. Daarmee veranderden eigendomsverhoudingen, bestuur en sociale structuren. Ibi ontwikkelde zich in de eeuwen daarna verder als agrarische plaats, zonder meteen uit te groeien tot een grote macht of stad. Het leven was er lang verbonden aan landbouw, lokale handel en de logica van het binnenland. Juist in zulke plaatsen wordt geschiedenis vaak niet geschreven door grote paleizen of veldslagen, maar door generaties die het landschap bewerken en stap voor stap een gemeenschap opbouwen.
Pas veel later begon Ibi echt een ander profiel te krijgen. In de achttiende en negentiende eeuw groeide de plaats geleidelijk in omvang en activiteit. Ambacht, kleine productie en lokale nijverheid kregen meer gewicht. Wat eerst nog kleinschalig was, bleek achteraf de voedingsbodem voor iets dat de identiteit van Ibi blijvend zou veranderen. Zoals op veel plaatsen in het binnenland van Valencia en Alicante ontstond ook hier een cultuur van werken, maken en technisch kunnen. Die mentaliteit zou in de volgende eeuw beslissend blijken.
De echte ommekeer kwam aan het begin van de twintigste eeuw. In Ibi wordt 1905 gezien als het sleutelmoment in de geschiedenis van het speelgoed, toen de familie Payá een bestaande werkplaats verder ontwikkelde in de richting van speelgoedproductie. Wat begon als een lokale activiteit groeide uit tot een industrie die de naam van Ibi in heel Spanje bekend zou maken. Speelgoed uit blik, later uit andere materialen, werd het symbool van een stad die leerde produceren voor een veel grotere markt dan haar eigen omgeving. Daarmee veranderde niet alleen de economie van Ibi, maar ook haar sociale structuur, haar uitstraling en haar zelfbeeld.
In de eerste helft van de twintigste eeuw ontwikkelde Ibi zich steeds sterker tot een van de grote centra van de Spaanse speelgoedindustrie. Namen als Payá en later andere fabrikanten zorgden ervoor dat de stad verbonden raakte met verbeelding, techniek en seriematige productie. Waar elders landbouw de boventoon bleef voeren, bouwde Ibi aan een industriële identiteit die bijzonder was voor een plaats van deze omvang. Speelgoed was hier niet alleen een product, maar een hele manier van leven. Fabrieken, werkplaatsen en technische kennis bepaalden het ritme van de stad. Gezinnen waren ermee verbonden, generaties werkten in de sector en de stad kreeg een reputatie die veel verder reikte dan de provincie Alicante.
De twintigste eeuw bracht daarmee niet alleen economische groei, maar ook een nieuw soort trots. Ibi werd een plaats waar vakmanschap en verbeelding samenkwamen. Dat is misschien wel een van de opvallendste kenmerken van haar geschiedenis. Waar andere industriesteden bekend werden om staal, textiel of zware productie, bouwde Ibi een naam op via voorwerpen die juist met spel, kindertijd en fantasie verbonden waren. Dat gaf de stad een heel eigen karakter. Tegelijk ging het achter die ogenschijnlijk lichte industrie om serieus werk, technische innovatie en een scherpe ondernemersgeest.
Zoals op zoveel plekken veranderde ook in Ibi het economische landschap in de late twintigste eeuw. Goedkopere import, nieuwe marktomstandigheden en internationale concurrentie maakten het speelgoedverhaal minder vanzelfsprekend dan vroeger. Een deel van de industrie verdween, andere bedrijven moesten zich aanpassen of verbreden. Maar Ibi bleek veerkrachtig. De technische kennis, de industriële cultuur en het vermogen om te maken verdwenen niet zomaar. Ze vonden ook toepassingen in andere sectoren, zoals kunststof, techniek en productie voor uiteenlopende markten. Daardoor bleef Ibi een werkstad, ook al veranderde het soort werk.
Wie vandaag Ibi bezoekt, ziet de sporen van dat verleden nog steeds terug. Het Museo Valenciano del Juguete is daarbij een van de duidelijkste tastbare ankers. Het museum is gevestigd in de bewaard gebleven installaties van de eerste speelgoedfabriek van de plaats en vormt daarmee niet alleen een plek waar speelgoed wordt getoond, maar ook een plaats waar de industriële geschiedenis van Ibi voelbaar blijft. Het museum laat zien hoe speelgoed door de jaren heen veranderde, maar vertelt tegelijk ook het verhaal van de arbeiders, families, ontwerpers en ondernemers die de stad mee vormgaven.
De geschiedenis van Ibi is daarmee geen rechte lijn, maar een gelaagde ontwikkeling van een plaats die zich steeds opnieuw heeft aangepast. Van een agrarische gemeenschap in het binnenland groeide Ibi uit tot een industriestad met een heel eigen specialisatie. Daarna wist zij zich opnieuw aan te passen aan veranderende tijden zonder haar identiteit helemaal kwijt te raken. Dat maakt Ibi bijzonder. Niet omdat het een groot historisch machtscentrum was, maar juist omdat het laat zien hoe een relatief kleine plaats door arbeid, creativiteit en volharding een blijvende plaats in de geschiedenis van de regio en van Spanje wist te veroveren.
Wie de tijd neemt om Ibi beter te leren kennen, ontdekt daarom meer dan alleen een stad van speelgoed. Men ontdekt een gemeenschap die trots is op haar verleden, maar niet in dat verleden is blijven steken. De geest van maken, vernieuwen en doorzetten is er nog altijd aanwezig. En misschien is dat wel de kern van de geschiedenis van Ibi: niet één groot moment, maar een lange reeks stappen waarmee de plaats zichzelf telkens opnieuw vorm heeft gegeven.